Bijgewerkt op 13 mrt 26 door

De Squeeze Play

Introductie

In dit artikel

  • Loose openraisers zijn de ideale tegenstanders om te squeezen
  • Een perfecte situatie: BB vs. BU + SB
  • Reads zijn belangrijk!

Dit artikel behandelt een move die nooit in het arsenaal van een high limit pokerspeler mag ontbreken, de squeeze.

Wat is een squeezeplay?

Een squeezeplay is een preflopbluf in de vorm van een grote reraise, nadat al eerder een speler heeft geraiset en minstens éénmaal is gecalld. Terwijl de eerste speler in het ideale geval de hand opgeeft (hij zit nu gevangen tussen twee of meer spelers en weet niet wat de spelers na hem zullen doen), hebben de andere spelers vaak niet een dermate sterke hand dat ze er een raise en vervolgens een reraise mee kunnen callen.

Dit artikel laat de factoren zien waar het succes, of falen, van een squeezeplay vanaf hangt. Tevens laten we zien hoe je verder gaat na een eventuele call of reraise.

Wat bepaalt het succes van een squeezeplay?

Het tafelimage preflop

Een van de belangrijkste en doorslaggevende factoren voor het slagen van een squeezeplay is ons tafelimage. Hoe tighter en meer solide we lijken en hoe passiever en onopvallender we tot dan toe preflop hebben gereageerd, des te sneller zal een reraise worden gezien als een sterke hand en als zodanig worden gerespecteerd.

Een relatief lage PFR-waarde (bijvoorbeeld minder dan 14%) is nuttig om een dergelijk image tot stand te brengen. Wanneer er regulars aan tafel zitten is het een goed uitgangspunt wanneer deze waarde ook over een groter aantal handen zichtbaar is. Denk daarbij aan handen van andere tafels of eerdere sessies. Heb je tijdens de gespeelde handen al eerder voor de flop een 3-bet gemaakt, dan is het erg bevordelijk voor je image wanneer je de mogelijkheid hebt om een monster als QQ+ of AK te laten zien op de showdown.

Een loose image, bijvoorbeeld veroorzaakt door een PFR-waarde van 20% of meer, of door herhaaldelijk reraisen zonder een hand te tonen, is niet bevordelijk voor het slagen van een squeezeplay, daar je tegenstanders veel minder vaak zullen folden.

Je tafelimage postflop

Dit aspect telt minder zwaar mee, maar is ook niet volledig te verwaarlozen. Zien ze je als een goede, vooral agressieve postflopspeler, dan zullen eventuele tegenstanders proberen te vermijden met marginale handen al te grote potten tegen jou te spelen.

Belangrijke vragen hierbij zijn:

  • Plaatsen we vaak genoeg een continuationbet na een preflopreraise?
  • Vuren we vaak genoeg een second barrel af op de turn?
  • Komen we vaak genoeg met sterke handen uit een pot, zonder onze stack te verliezen?
  • Check/raisen we vaak genoeg?

Al deze vragen moet je met 'ja' kunnen beantwoorden. Wanneer je tegenstanders ze onthouden of noteren, zijn ook sterke laydowns en blufs op wat meer opvallende boards bevorderlijk.

Je positie

Meestal is het voordelig om positie op de tegenstander te hebben, vooral met een grote effectieve stack. Out of position squeezen is moeilijk. Vaak wordt je bet na de flop gecalld en sta je op de turn voor een grote pot en een erg moeilijke beslissing. Hier worden dure fouten gemaakt, die eigenlijk alleen door goede reads en veel ervaring kunnen worden voorkomen en zelfs dat is geen garantie.

De stackgroottes

De grootte van jouw stack is belangrijk, maar ook die van de tegenstanders, de oorspronkelijke raiser en de callers van die raise. Hoe dieper we zijn en hoe hoger de implied odds van onze hand zijn, des te breder kan ook de range voor een squeezeplay zijn.

Onlosmakend verbonden daarmee is je positie. Heb je bijvoorbeeld een middelsterke hand als TT-QQ of AQ en ben je relatief deepstacked, bij voorbeeld een effectieve stack van 150-200BB, dan zal een squeeze uit vooral OOP, beduidend inefficiënter zijn.

De reden daarvoor is dat je met deze postflop meestal middelsterke hand moeilijk op potcontrol kunt spelen. Heb je echter een hand met hoge implied odds(zoals kleine PP's, SC's) en zit je op de button, dan kun je hier beduidend vaker raisen. In deze situatie kun je met een postflop duidelijk gedefiniëerde hand en dus een hoge speelbaarheid, de pot prima controleren.

Het tilteffect

Op dit punt is wat fijngevoeligheid gevraagd. Je move mag er niet uitzien tilty uitzien en tegelijkertijd moet je ook vermijden om tegen tiltende spelers te squeezen.

Indien mogelijk let je er op dat je niet net een dure pot hebt verloren voordat je een squeeze gaat maken. Dit zal je tafelimage namelijk tijdelijk hebben beïnvloed, waardoor tegenstanders je in een dergelijke situatie vaker op een loosere move zullen zetten. Ook mag niet één van de andere betrokkenen net aan het tilten zijn. Dit isnatuurlijk niet altijd even gemakkelijk te herkennnen, maar het zal zeker opvallen wanneer een anders zeer solide speler ineens probeert om zoveel mogelijk grote potten te spelen en duidelijk agressiever is dan normaal. Ook wanneer hij net een dure beat heeft gehad moet je voorzichtig zijn.

Ook kunnen we frustratie opwekken met het meermaals reraisen van een speler. Het is geen zeldzaamheid dat een speler die normaal nooit met een hand als AK of QQ all-in gaat, na de derde of vierde reraise op rij pusht. Je zult dan ook zeker wel eens zwakkere handen zoals bijvoorbeeld Ax zien. Daardoor krijg je nu met jouw monsters beduidend hogere implied odds. Dit effect heeft overigen invloed op de hele tafel. Heb je aan een tafel al twee of drie squeezeplays gemaakt, dan is de EV als je nu azen beduidend hoger. Dit door je image dat je opgebouwd hebt.

De betrokkenen
DE OPENRAISER

Voldoende en betrouwbare reads met betrekking tot de openraiser zijn een absolute voorwaarde voor deze zet. Wanneer we geen ervaring hebben met deze speler, dan moeten alle andere voorwaarden wel optimaal zijn vervuld, willen we een squeezeplay rechtvaardigen. Hoe beter je een speler kent, des te winstgevender is de move, zeker in het geval van een call.

Eigenschappen waar je rekening mee moet houden:

  • PFR: Hoe hoger, hoe beter! Een hoge PFR geeft aan dat deze speler met veel marginale handen opent. Is de openraiser echter een Rock, dan heeft hij vaak een hand die hij voor de flop niet wilt folden (en meestal ook niet zou moeten folden).
  • De VPIP resp. de Call-PFR-waarde: Hoe tighter de speler voor de flop is, des te beter. Een hogere VPIP geeft aan dat hij veel flops wil zien. Een hoge Call-PFR-waarde toont wantrouwen ten opzichte van het eigen bewustzijn of de eigen postflopcapabiliteit. Beide zijn geen al te goede basisvoorwaarden.
    • Uitzondering: Je hebt een middelsterke hand. In het volgende geval zou je eventueel een 3-bet kunnen overwegen in plaats van een call: Een aantal tegenstanders heeft een enorme Call-PFR-waarde en is tegelijk agressief preflopraiser. Callt een dergelijke speler op de button, dan is het vaak winstgevend om handen als TT/JJ of AQs te gebruiken voor een squeeze. Krijg je een call, dan wordt de hand niet minder aantrekkelijk.
  • Individuele reads:
    • Reraiset of pusht hij zijn monster(AA, KK) en AK tegen een 3-bet? IP? OOP? Of 'trapt' hij hier vaak (of altijd) mee?
HET MIDDENVELD (indien aanwezig)

Vaak krijgt een raiser uit vroege positie meer dan één caller. Laten we aannemen dat UTG raiset, MP callt, CO callt en BU callt. Hero is SB. Hier zijn MP en CO het middenveld. Wanneer de laatste caller de mogelijkheid heeft om tevens als laatste preflop te mogen handelen, dan bevinden zowel de caller zich in het midden, als de oorspronkelijke raiser zich in een squeeze: zelfs wanneer ze niet geloven in een sterke hand van de reraiser kunnen ze hier niet zeker zijn dat de handen van de speler na hen, een call of een raise niet verliesgevend maakt. Daar deze spelers zich dus in een strategisch ongunstige positie bevinden (ze zitten in een squeeze en hebben geen sterke hand gesignaleerd), is over het algemeen weinig van hen te vrezen.

Waar je wél op moet letten:

  • PFR: Hoe hoger, hoe beter. Rocks zouden hier ook met een sterke hand (en vooral AK) kunnen zijn afgeweken van een eigen reraise door een call.
  • VPIP resp. Call-PFR-waarde: Zie het voorgaande over "de openraiser".
  • Individuele reads: Hier gaat het vooral om het trappen met hoge pairs. Een aantal spelers heeft de neiging om sterke handen - zeker in early position - niet te 3-betten, maar slechts te callen. Weliswaar gebeurt dit niet zo vaak, maar àls het gebeurt, dan verandert het onze situatie beduidend. Daarom zijn notes erg belangrijk wanneer je in dat opzicht bij een speler iets is opgevallen. Of hij hiermee alleen callt of 4-bet, is eveneens van belang.
DE LAATSTE CALLER

Deze speler heeft een uitzonderingspositie en is, samen met de openraiser, de beslissende factor aan tafel. Het is zelden zo dat hij hier een sterke hand heeft als hij in late position zit, vooral nadat er al andere spelers de eerste raise gecalld hebben. Over het algemeen is het beter om hier te reraisen in plaats van gewoon te callen.

Aan de andere kant weet hij dat hij de laatste speler is die in actie komt en dus geen verdere hand hoeft te vrezen. Daarmee heeft hij een soort 'tafelsheriff-functie' en is hij de laatste die een vermeende bluf kan laten mislukken.

Foldt iedereen tot de laatste speler en callt deze onze reraise, dan moeten we drie dingen bedenken:

  • 1. Deze speler heeft bijna nooit een sterke hand als AK of QQ+ (De PFR-waarde is hier natuurlijk ook niet onbelangrijk).
  • 2. Hij heeft zelden een zwakke hand als 22-66 of kleine SC's. De implied odds zouden in dit geval niet voldoende zijn om de te verwachten 3-bet te callen (let hierbij ook op de effectieve stacksize).
  • 3. Hij is vaak bereid om voor de pot te vechten. Deze verwachting is nog sterker wanneer hij een hoge reraise heeft gecalld. We treffen hier dus bijna altijd een hand als KQs, AJ/AQ of (nog vaker) middle pairs als 88-JJ.

Opmerking: Hier is de history die we met de speler hebben van groot belang! Vechten we vaker tegen deze speler en hebben we hem in het verleden een aantal agressieve moves laten zien, dan zal hij gemakkelijker geneigd zijn om te callen. Daarbij zal hij wat vaker van de optimale speelwijze afwijken om ons te stacken.

De hoogte van de reraise

In het beslissingsproces over de hoogte van onze reraise, komen de hierboven genoemde factoren samen. Als vuistregel raad ik een reraise aan van drie tot vier maal de hoogte van de openingsraise. Zit je in positie, dan raise je iets minder en OOP wat sterker. Wil je preflop alle tegenstanders al uit de hand werken, dan moet je sterk genoeg raisen om de implied odds van de spelers te verpesten. Je wilt ze overtuigen dat ze te weinig de flop zullen hitten om een dure preflopcall winstgevend te maken.

Wil je alleen proberen om preflopsterkte te tonen om in het geval van een call, een continuationbet mee te kunnen nemen, dan hoeft je raise niet zo hoog te zijn. Alleen het feit dat je reraiset geeft al sterkte aan. Deze move is vooral erg winstgevend wanneer een- of meer spelers preflop erg veel callen, om dan vervolgens te folden na een contibet. Dit gaat ook op wanneer de effectieve stacks zó groot zijn, dat ook een hoge preflopreraise gecalld zal worden.

De 4-bet frequentie

Hoe hoger de limiet waarop je speelt is, des te vaker zullen de handen al preflop worden beslist door raises. Terwijl men op de kleine limieten zelden een 3-bet ziet, komt op de hogere limieten regelmatig een 4-bet voor. Is je tafel erg agressief, dan zijn 4-bets waarschijnlijker en 4-bets zijn de natuurlijke vijand van iedere squeezeplay. Wees dus zeer terughoudend met deze play aan dit soort tafels!

Welke handen zijn geschikt om te squeezen?

BIG HANDS AK/AA/KK:

Met deze handen kun je uiteraard altijd 'squeezen - al spreek je in dit geval niet echt van een squeeze, want daarvoor is de hand te sterk.

MIDDLE PAIRS 88-QQ:

Gevaarlijk! Om eerlijk te zijn: ik raise in tight-games zelfs met QQ of JJ niet graag tegen een early openraiser + caller OOP. Terwijl ik me hierbij vaak nog wel er toe kan aanzetten, speel ik in vergelijkbare situaties (uitgezonderd blindbattles) in ieder geval met TT-88, bijna altijd op setvalue.

 

De reden hiervoor is de slechte speelbaarheid in geval van een call op onze squeeze. We hebben een middelsterke hand, vaak overcards op het board en kunnen absoluut niet zeker zijn dat we niet tegen een hoger pocketpair aanlopen. Wordt onze contibet gecalld of geraiset door een goede, solide speler, dan is onze hand in waarde met een 22 te vergelijken. Bovendien hebben we in een enkelvoudig geraisete pot, hoge deceptie en een acceptabele speelbaarheid.

KLEINE PAIRS 22-77:

Deze handen zijn dus mijn favorieten. We hebben na de contibet steeds een duidelijke situatie - monster of trash - en kunnen dus daar op verderspelen.

SOLIDE HANDEN AQ, AJs/ATs, KQs:

Wanneer ik met deze handen squeeze, dan doe ik dat meestal tegen een loose openraiser op de CO of BU en een loose caller met een hoge PFR. In deze samenstelling kan ik namelijk behoorlijk zeker zijn van mijn handsterkte. De openraiser kan hier veel verschillende handen hebben en de loose caller had met een sterkere preflophand waarschijnlijk zelf geraiset, wat mij dus waardevolle informatie geeft. Offsuited handen, zwakker dan AQ, vind ik minder geschikt voor dit spel. Je wordt hier vaak nog gedomineerd door een caller en treft zelden een draw, die we eventueel op de flop als 3-bet zouden kunnen pushen.

SUITED CONNECTORS + ONE-GAPPERS:

Voor deze handen wil ik erg goede omstandigheden hebben, zoals een preflop zeer agressieve TAG als openraiser en bovendien positie. Deep stacks winnen daarbij sterk aan betekenis. OOP squeezen met SC's zie ik als verkeerd. Vaak wordt gezegd dat we met deze handen meestal óf een monster óf trash floppen. Deze bewering is volgens mij niet juist. We krijgen hier nog vaak one-pair handen en/of draws en die zijn OOP beroerd te spelen.

TRASH, Ax:

Deze handen vat ik als volgt samen: voordat we met een totaal waardeloze holding als 96o gaan raisen, kunnen we ook op een Ax wachten. Daarom zie ik vrij consequent af van squeezeplayen met totale trash.

 

Ax-handen hebben daarentegen twee heel goede eigenschappen:

  • 1. De kans dat een sterke hand in het spel komt die ons kan callen, is kleiner geworden.
  • 2. We hebben tegen iedere hand (behalve AA) een acceptabele equity en de kans dat iemand aan een shorthanded-tafel twee azen heeft als jij al een aas hebt is kleiner dan 1,5%.

Naast kleine pairs zijn deze handen het meest geschikt voor een squeeze. Vooral A2s-A5s hit regelmatig goed en met een mogelijke push op de flop ontwijk je zo moeilijk beslissingen. Bovendien heb je een acceptabele equity tegen bijna iedere hand:

A3s vs. AKo: 30.6:69.4
A3s vs. TT: 32.7:67.3

In welke situaties kun je squeezen?

BB tegen de BU+SB

Een fantastische situatie voor een squeezeplay. Vooral op hogere limieten zijn agressieve blindsteals aan de orde van de dag. Ook op de lagere limieten zou je echter de "attempt to steal"-waarde altijd in het oog moeten houden. Waardes van ~35-40% zijn geen zeldzaamheid.

Wanneer een dermate agressieve speler van de button openraiset en de SB callt terwijl jij in de BB zit, dan is dat voor jou een ideale spot voor een resteal. De BU heeft hier vaak een verschrikkelijk zwakke hand, zoals J7s, waarmee hij ondanks zijn positie geen reraise kan callen.

De SB daarentegen, die zou moeten weten hoe zwak de BU hier meestal is, heeft zelf niet gereraised en dus zwakte laten zien. Het is onder deze omstandigheden heel moeilijk om nog een reraise te callen. Meestal zal deze speler dan een gemiddeld sterke, maar geen fantastische hand hebben, zoals 22-99, AT/AJ, KQ of QJ; vooral OOP een heel slecht uitgangspunt om postflop in een ge-3-bette pot te moeten overleven. Experimenteer hier gewoon een beetje met resteals.

SB/BB tegen de CO+BU

Deze situatie is al duidelijk lastiger, omdat je postflop OOP moet spelen. Het basisprincipe lijkt op het hierboven genoemde: Ook vanaf de CO stealt men vaak heel loose, hoewel de handranges niet met die van de button-stealers te vergelijken zijn. Toch heeft de BU overduidelijk zwakte laten zien, nog sterker dan de SB in het eerdere voorbeeld.

Deze analyses gaan er vanuit dat je tegenstanders minstens normaal agressief zijn en weten wat ze doen. In een 15/5-speler die vanaf de button een cut-off-steal callt moet je niet al te veel zwakte zien.

Heeft een redelijke speler bijvoorbeeld TT op de BU, dan moet hij eigenlijk altijd een CO die openraiset reraisen. Wanneer hij slechts callt betekent dat meestal een hand die ook een goede speelbaarheid bezit in een multiwaypot en geen indrukwekkende equity heeft (bijvoorbeeld een klein pair, suited connectors of over het algemeen ook JTo of T9o). Ook hier zou je dus kunnen zeggen dat je de handen door een reraise meestal tot folden kunt brengen. Let er echter in deze situatie op dat je de move niet te vaak zonder een redelijke hand kunt maken.

LIMP/SQUEEZE UTG

Tricky play. Daar moet je natuurlijk niet al te enthousiast over zijn, maar juist wanneer je vaker ook met monsters limp/raise speelt is dit een mooie spot om tricky te worden en een big pair te representeren. In ieder geval kun je hier met de contibet vaak de pot oppakken.

De EV van een squeezeplay

Het volgende voorbeeld laat je zien hoe je de EV van een squeezeplay kunt berekenen. Daarbij geldt: Hoe hoger je informatiedichtheid is en naarmate je meer reads hebt over enkele tegenstanders, des te preciezer zullen natuurlijk ook je berekende waardes zijn.

VOORBEELD

Je hebt je met 100BB ingekocht, de BU en SB coveren je en je speelt net de eerste ronde aan een nieuwe tafel. De BU heeft een att. to steal van 35% en een call-preflopraise-waarde van 4% na ~1000 handen. De speler in de SB heeft zijn small blind in 7 van de 11 gevallen gefold op een steal. Zijn call-PFR-waarde ligt na 180 handen bij 7%.

Je hand: A8o.

Allen folden tot aan de BU, die naar 3.5BB raiset. De SB callt relatief snel. Je herkent hier een goede spot voor een squeezeplay en reraiset naar 14BB. Met deze reraisegrootte riskeer je niet teveel en geef je de andere spelers bij jouw stackgrootte geen goede implied odds voor handen zoals kleine pocketpairs. Hoe groot zou je foldequity moeten zijn om deze move op zich winstgevend te maken, dus zonder de hand verder uit te spelen?

Laten we eens kijken naar de potgrootte op dat moment:

3.5BB + 3.5BB + 1BB = 8BB (De rake moet in dit voorbeeld worden verwaarloosd.)

Een call zal hier de slechtste variant zijn en een negatieve EV hebben. De EV van een fold bedraagt 0. Om je move zelf dus +EV te laten zijn in vergelijking met je alternatieven, moet de EV >0 zijn.

Stel EV(Squeeze) = p(C)*-(13BB) + p(F)*8BB = p(C)*(-13BB) + (1-p(C))*8BB = 8BB - 21BB*p(C) => 0

Dan geldt 21BB*p(C)<8BB ofwel: p(C)<0.38.

Daar de BU een loose stealer is en een relatief lage call-PFR-waarde heeft zal hij hier de meeste handen folden.

Laten we eens naar het geheel kijken, aan de hand van een concrete openraiserange:

Laten er ervan uitgaan dat de speler op de CO bij een gemiddelde waarde van 35%, 1 op de 4 handen raiset. Dan zouden we een ATS-waarde van de button hebben van 45%. De range die bij deze waarde hoort omvat ruw geschat: 22+, A2s+, K2s+, Q9s+, J8s+, 53s+, 43s+, A2o+, K8o+, Q9o+, T8o+, 54o+.

Van de SB hebben we een onbevredigend kleine samplesize, maar toch kunnen we nu al raden dat hij met een behoorlijk brede range callt vanuit de SB (wat heel slecht is!). We geven hem hier echter geen 35%, maar eerder een geschatte variantierange van laten we zeggen 20%, die ongeveer de volgende handen zou bevatten: 22+, A2s+, KTs+, QTs+, 65s+, ATo+, KJo+, QJo, JTo.

De kans dat een van beide tegenstanders callt moet kleiner dan 38% zijn. Dit is het geval wanneer de kans dat beide tegenstanders folden, groter is dan 62% en dus de kans voor een preflopfold voor iedere apart bij ca. 80% ligt. Dit zou overeenkomen met een reraisecallrange voor de BU van: 77+, ATs+, KJs+, AJo+, KQo - een duidelijk loose range.

Voor de met minder handen spelende SB zou de range tighter zijn en wel: TT+, AJs+, AKo.

Het is een optimistische inschatting dat een loose SB zoveel foldt op een reraise. Gelukkig helpt het nu dat hij niet zelf heeft geraised. Daardoor is de kans op een monster duidelijk lager. Laten we aannemen dat hij 60% van de hierboven genoemde range zelf zou reraisen. Daarmee is de kans dat je een dermate sterke hand bij de SB tegenkomt duidelijk lager en kun je een nieuwe, realistischere range voor de SB-call definiëren: 77+, AJs+, KQs, AQo+.

Deze ranges zijn zeker niet onrealistisch. Wanneer je dit zou tegenkomen bevind je jezelf in een situatie waarin een squeeze zelf al een positieve EV bezit. Zonder handvalue zou het dus onbelangrijk zijn of je gecalld of geraised zou worden. Daarbij hebben we een vóór jou werkende omstandigheid nog helemaal niet behandeld: Je hebt zelf een aas, wat de kans dat je op een hand loopt die sterk genoeg is voor een call of raise, nog eens duidelijk ingrijpend omlaag brengt.

In de realiteit zou je EV vanzelfsprekend beduidend hoger zijn, daar je hand nog steeds postflopvalue bezit. Tegen de nieuw gedefinieerde ranges van de BU en SB had je altijd nog een equity van 30%. Je zou heads-up tegen de button, of in een 3-handed pot, dan wel een slechte uitgangspositie zou hebben, maar dat zou in positie meer dan goed te maken zijn in de gevallen dat je alleen tegen de SB zou spelen.

Daar komt bij dat een aantal spelers veel te veel handen folden op een contibet, ook in potten die zijn gereraised. Foldt de BU bijvoorbeeld tot 50% van zijn handen op een 2/3-potsize-contibet, dan heb je opnieuw een heel goede +EV-situatie. De EV hiervoor zou in ons voorbeeld dan zijn: EV(conti) = 0.5*31.5BB - 0.5*21BB = 5.25BB

Bij een meer pessimistische foldequity van >40% is hij minstens altijd positief en dat opnieuw zonder handvalue.

Een berekening opstellen die met alle hier genoemde factoren rekening houdt is heel complex en volgens de ervaring niet wat de meeste lezers willen. Hij zou rekening moeten houden met de preflop-foldequity, de foldequity van de continuationbet, een mogelijk re-reraise en een schatting van de EV van je hand bij een raise op de flop of op de turn, met inachtneming van verschillende spelertypes en reads.

Daarom wordt ter afsluiting en verduidelijking slechts opgemerkt dat je bijvoorbeeld onder de volgende speciale randvoorwaarden bij een foldequity van slechts 40%(!), preflop juist dan een +EV-spel zou hebben wanneer je HU-tegenstander in 1/3 of meer gevallen op je continuationbet foldt.

  • Je hebt een klein pocketpair.
  • Je tegenstanders trappen preflop met AA/KK en pushen op je bet deze handen op de flop.
  • Je maakt HU altijd een continuationbet van 2/3 potsize.
  • Je speelt in het geval dat BU+SB hebben gecalld slechts verder met een set en geeft je hier de implied odds van 1*potsize.
  • Wanneer je HU op de flop wordt gecalld of geraised dan geef je de hand op in alle gevallen waarin je geen set hebt.
  • Heb je in deze situatie een set, dan zou je van implieds ter hoogte van 60% van de nieuwe potsize kunnen uitgaan.
  • Wanneer je preflop een call krijgt ben je in 2/3 van de gevallen HU en in 1/3 van de gevallen 3-handed.

Een duidelijk en behoorlijk indrukwekkend gegeven. Daarbij zijn de hier aangenomen omstandigheden over het algemeen niet optimaal. Je zou hier nog de omstandigheid kunnen noemen dat je preflop niet van een 4-bet uitgaat. Juist dit is echter bij veel spelers het geval. Daarover gaat het in het laatste gedeelte van dit artikel.

WISKUNDIGE OPMERKING

Voor diegenen onder jullie die interesse hebben in de formule, waarmee je met aangenomen waarschijnlijkheid voor een preflop call en/of een continuationbet erg interessante berekeningen kunt maken voor de genoemde situatue, is deze hier toegevoegd. Hoewel de formule relatief nauwkeurig is, gaat het hier slechts om een benadering die kleine positieve en ook negatieve scenario's negeren.

EV(squeeze) = p(F)*8 + p(C)*p(f|C)*18,5 + p(CC)*1/8*71 + p(C)*p(c|C)*1/8*83,6 - p(C)p(c|C)*7/8*34 - p(CC)*13

D formule wat nader verklaard:

We nemen aan dat een flatcall een EV heeft die lager dan 0 is. Hij is dus -EV.
We vergelijken dus de EV van een squeezeplay hier met de EV van een fold, dus met 0.

Als EV(squeeze) > 0,  dan is een squeezeplay profitabel.

De totale verwachtingswaarde komt voort uit aparte optellingen en aftrekkingen, waarop we nu in zullen gaan.

Optelsom 1, p(F)*8:

De waarschijnlijkheid dat onze tegenstanders beiden preflop folden, vermenigvuldigd met de winst in dat geval, namelijk 8 BB (3,5+3,5+1).

Optelsom 2, p(C)*p(f|C)*18,5:

De waarschijnlijkheid dat een tegenstander preflop zal callen, vermenigvuldigd met de waarschijnlijkheid dat hij op onze continuationbet foldt, vermenigvuldigd met de winst in dat geval. We komen dan op 18,5 BB, omdat we in dit scenario 18,5 BB zouden hebben gewonnen. Natuurlijk zou de pot die we op de flop zouden verzamelen groter zijn. We zouden dan echter van de in totaal 31,5 BB zelf een deel hebben geïnvesteerd en we hadden dan dus geen 31,5 BB gewonnen, maar slechts 31,5 BB - 13 BB (het bedrag waarmee we preflop hebben geraised), dus in totaal 18,5 BB.
Hiermee moeten we steeds rekening houden wanneer we dit soort berekeningen maken: Gaat het om een winst of verliesberekening, dan moeten we het resultaat steeds vergelijken met de alternatieven - in dit geval met de preflop fold.

Optelsom 3, p(CC)*1/8*71:

De waarschijnlijkheid dat beide tegenstanders preflop coldcallen, vermenigvuldigd met de waarschijnlijkheid dat we een set floppen, vermenigvuldigd met een ingeschatte winstverwachting van in toaal 71 BB.
Dit zou overeenkomen met implied odds van een potsize op de flop - een niet te hoog ingezette, maar wel geloofwaardige aanname. De pot zou op de flop 42 BB zijn, Daar komen nog 42 BB implieds bij en moeten we opnieuw 13 BB aftrekken, die we preflop met onze raise hebben geïnvesteerd - in totaal dus 71 BB.

Optelsom 4, p(C)*(c|c)*1/8*83.6:

De waarschijnlijkheid dat we preflop flop werden gecalld en de tegenstander onze continuationbet heeft gecalld (of geraised), vermenigvuldigd met de waarschijnlijkheid in deze situatie geluk te hebben en je set te krijgen. Hier hebben we opnieuw implieds meegerekend en komen we uit op een gemiddelde winst van 83,6 BB.

Aftrekpost  1, p(C)*p(c|C)*7/8*34:

Worst case scenario: Het geld dat we verliezen wanneer we preflop hebben geraised en een caller hebben gekregen die niet alleen niet foldt op onze continuationbet, maar waarbij we ook niet het geluk hebben om onze set te hitten. In dit geval hebben we preflop 13 BB en op de flop 20 BB weggegooid - in totaal 34 BB.

Aftrekpost 2, p(CC)*7/8*13:

Het geld dat we verliezen wanneer beide tegenstanders hebben besloten om ons voor de flop te callen en we ook hier geen set floppen. In dit geval zou het 13 BB zijn.

Over het geheel moet worden opgemerkt dat deze grootten niet zondermeer realistisch zijn: Er zijn showdowns de we winnen terwijl we zonder een set te floppen, op de flop worden gecalld. Ook zullen we, vandaag de dag vaker dan enkele jaren terug, geconfronteerd worden met een 4-bet, waarop we moeten opgeven. Het kan ook zijn dat we 3-handed op de flop terechtkomen, downchecken en dat ons pocket pair wint.

Hoe kunnen reads helpen bij het squeezen?

We hebben daarnet aangenomen dat we nooit een 4-bet zullen krijgen. Hoewel dat tegen veel spelers niet juist is, zijn er toch een aantal die nu eenmaal deze strategie volgen. Heb je zo'n speler kunnen ontdekken, dan heb je nu een monsterread op hem! Je squeezeplays krijgen een beduidend hogere EV, daar je geen angst hoeft te hebben dat je uit de hand geraiset wordt.  Je kunt dus, zeker deepstacked, met een brede range aan handen reraisen, in plaats van alleen op setvalue te callen. Daarmee verhoog je uiteraard (zoals bij iedere goede, agressieve move) de variantie van je spel, maar tevens de EV en dat behoorlijk drastisch.

Een andere belangrijke read is - zoals al eerder gezegd - het vaak folden op een continuationbet. Dit gedrag kun je vooral bij fish vinden. Tegen een klein aantal spelers kun je zelfs bijna iedere hand vanuit de button squeezen, om vervolgens met een contibet de pot op te pakken. Deze spelers zijn een soort loose/tight-spelers. Ze zijn bereid om veel te betalen voor een flop, maar hebben angst om zonder een sterke hand door te spelen. Het is wel belangrijk om dit niet al te zeer uit te buiten wanneer er een agressief denkende speler aan de tafel zit, die bereid is om veel te blufreraisen.

Tegen een speler met een erg hoge Call-PFR-waarde kun je beter terughoudend zijn met een bluf of semi-bluf-squeeze, tenzij het zo'n 'loose/tight'-speler is. In plaats daarvan kun je meer reraisen met middelsterke handen zoals AQs of 99+. Het brengt je weliswaar in een wat benauwdere postflopsituatie, waarin je niet altijd zult weten waar je staat, maar juist in positie en met de beste hand waarschijnlijk, is dit nu eenmaal op de lange termijn een erg winstgevend spel.

Ook is het belangrijk om te weten hoe je tegenstanders de AK spelen. 4-Betten ze, en zo ja, vanuit welke positie? Interessant is ook om te weten of ze met een AK beduidend hoger reraisen. wanneer dat het geval is, dan kun je met veel PP's zeer rendabele calls maken.

En, zoals eerder gezegd: let op de 4-betters aan je tafel! Is je slachtoffer een agressieve 4-better op de button, wees dan gewaarschuwd en laat het bluffen achterwege. Genereer dan extra value door te raisen met (middel)sterke handen!

Samenvatting

Squeezeplays zijn een effectief hulpmiddel in het pokerarsenaal, maar vereisen een oplettend, geconcentreerd spel. Het eigen image, de speelwijze van de tegenstanders, de relatieve positie en de hoogte van de stacks zijn belangrijke factoren voor het succes van deze plays.

Een triviale basisregel zegt: Een squeeze heeft alleen dán zin, wanneer de tegenstanders weten te folden. Aan de andere kant moeten de ranges van de tegenstanders hoog genoeg zijn (vooral die van openraisers), dat ze regelmatig genoeg een hand hebben die ze zonder problemen kunnen wegleggen.

Mocht je besluiten tot een squeezeplay, denk er dan aan dat er, mocht er een call volgen op de flop, gespeeld gaat worden om een relatief grote pot. Je moet in staat zijn om ook onder die omstandigheden te spelen! Een squeeze zien als een pure bluf om tegenstanders met een hoge reraise uit de hand te drukken, is te kort door de bocht.