Bijgewerkt op 06 jul 26 door

Playability en preflop-actie

Introductie

In dit artikel

  • Playability en preflop-actie
  • Definitie
  • Hoofdgedachtes

Definitie playability

De waarde "playability" kun je als volgt definiëren:
Een hand heeft een hoge playability wanneer de correcte manier van spelen vaak overeenkomt met de optimale manier van spelen.

De correcte manier van spelen betekent dat je de hand op de juiste manier speelt in de gegeven situatie.

De optimale manier van spelen houdt in dat je de hand speelt alsof je weet wat de kaarten van de tegenstander zijn.

Over playability en preflop-actie

We gaan ervan uit dat de tegenstander een range van 35% heeft en first-in raiset. Iedereen foldt naar je toe en jij zit in de BB. We gaan nu twee handen vergelijken: KQo en A9o. KQo heeft ongeveer 52% equity en A9o 54%.

KQo heeft in ieder geval duidelijk een betere playability. Op de flop weet je namelijk normaal gesproken waar je staat. Met A9o ben je niet helemaal zeker: Wanneer je de flop niet hit zou jouw A-hoog de beste hand kunnen zijn. Wanneer je de aas hit kan de tegenstander zeker een betere aas hebben. Hit je de 9, dan kan de tegenstander ook een betere hand hebben. Dit probleem komt amper voor bij KQo. KQo is hier de sterkere hand.

Stel je nu voor dat je No-Limit speelt (of dat je in elk geval de mogelijkheid hebt om de tegenstander preflop all-in te zetten). Het playability-nadeel van A9o zou dan helemaal niet meer aanwezig zijn, alleen de equity zou je nog iets uitmaken.

Je speelt echter geen No-Limit, maar je kunt ook bij Limit Hold'em een gelijksoortig effect creëren. Dit doe je door middel van de potgrootte: Hoe groter je de pot preflop maakt, hoe minder zwaar het playability-nadeel weegt.

Hierbij komt dat je door het maken van een preflop-3-bet de gehele hand kunt "automatiseren" en zo een quasi all-in simuleert. Na een preflop-3-bet volgt er bijna altijd een bet op de flop. De tegenstander zal deze bet niet erg vaak willen raisen, omdat hij bang is dat jij een sterke hand hebt. Hiermee doe je dus tot de turn het gehele playability-nadeel te niet. Op de turn wordt de situatie lastiger, maar vanwege de grote pot weegt het playability-nadeel ook hier niet erg sterk. Bovendien geven veel tegenstander op de turn een "eerlijke" statement over de sterkte van hun hand. Dit maakt het voor jou mogelijk om optimaal te spelen.

Als samenvatting kun je het volgende zeggen: Bij een hand met een slechte playability moet je proberen om de daadwerkelijke EV van de hand aan te passen aan de equity die je preflop hebt. Dit bereik je door de pot preflop zo groot mogelijk te maken en de betreeksen postflop zo goed mogelijk "op te dringen", dus te automatiseren. Dit moet je echter niet overdrijven. Je moet alleen met handen 3-betten waarmee je ook echt een equity-edge hebt (dus minstens 50% equity). Het is maar de vraag of het ook lonend is om met slechtere handen (48% equity) een 3-bet te maken.

Hoe ziet het hele verhaal er nu uit met een hand die een goede playability heeft, zoals KQo? Precies omgekeerd! Met deze hand weet je op de flop heel precies waar je staat: Het is of relatief duidelijk dat je achter ligt, of je ligt duidelijk voor. Daarom moet je dus preflop juist niet al vastleggen hoe je gaat spelen.

Preflop call je de raises van de tegenstander slechts. Bij slechte flops als A92 kun je met een goed geweten check/fold spelen, en verlies je zo in feite maar 2 SB. Wanneer je preflop een 3-bet zou hebben gemaakt en op de flop een bet had gemaakt, dan zou je vaak minstens 4 SB kwijt zijn.

Wanneer de flop je echter bevalt, kun je door het juiste postflop-spel (in 95% van de gevallen is dit "check/raise flop, bet turn"), net zo veel als of zelfs meer value verkrijgen dan met "3-bet pre-flop, bet flop".

Dit effect maakt het duidelijk dat het niet de moeite waard is om met je "2% equity-edge" preflop te pushen. In feite levert deze manier van spelen een stuk meer op dan dat de 52% preflop equity doet vermoeden.

Citaat:
Verouderde deel

Vandaag is tijdens het spelen de volgende hoofdgedachte in mij opgekomen:

Hoe beter de playability van een hand is, hoe minder belangrijk het initiatief is.

Hoe slechter de playability van een hand is, hoe belangrijker het initiatief is.

Uitleg aan de hand van een voorbeeld:

Je bent first-in op de SB en hebt 22. Je raiset en de BB maakt een 3-bet. Wanneer je nu slechts callt heb je op de flop een probleem: De tegenstander bet naar je toe en brengt je in een positie waarin je vaak de beste hand moet folden, of waarin je met een slechtere hand moet callen.

Wanneer je echter in dezelfde situatie QJo hebt zal dit je niet overkomen. Hier weet je op de flop behoorlijk precies waar je staat.

In het algemeen kun je zeggen dat een hand met een lage playability duidelijk beter te spelen is met initiatief. Het effect is (denk ik) vaak groot genoeg om preflop bijvoorbeeld een 3-bet of een cap te kunnen maken, ondanks dat dit niet door de value gerechtvaardigd wordt. Je moet bijvoorbeeld in het voorbeeld met de "22-hand", preflop een cap maken. Hierdoor breng je de tegenstander namelijk in een erg onaangename positie, waarin hij vaak de beste hand foldt op de flop. Je zorgt er daarentegen ook voor dat je jezelf deze beslissing bespaart.

Vergelijking met de tekst over de shorthanded theorie

In de preflopsectie van de shorthanded theorie is er sprake van tactische caps. Toen ik dit artikel schreef was ik me op het abstracte vlak echter nog niet direct bewust van de samenhang tussen tactische caps en de playability van een hand. Nu kan ik echter zeggen dat tactische caps ertoe dienen om het playability-tekort van bepaalde handen te compenseren.