Standaard lines: Riverplay voor gevorderden
Inleiding
In dit artikel:
- Wanneer betten? Wanneer checken?
- Call, raise of zelfs fold?
- Waarom je ook een keer moet betten of folden
De beslissing op de river lijkt op het eerste gezicht de gemakkelijkste. Er zijn geen odds & outs meer te vergelijken. Je hoeft niet meer te piekeren over de kans hoe vaak een draw aankomt, en concepten zoals bescherming en semi-blufs spelen geen rol meer. Alle informatie over de kaarten en de volgorde van inzetten zijn duidelijk en je hoeft alleen nog maar te schatten welke move het beste is.
Dit is in de praktijk echter beduidend lastiger dan je zou denken. Er is een viertal mogelijke lines, en elk daarvan kan onder bepaalde voorwaarden optimaal zijn. Door leaks in je riverplay kun je een behoorlijk deel van de winrate inboeten, folds op de verkeerde plek kunnen veel grote potten doen verliezen, en voortdurend callen in situaties waarin je verslagen bent kost eveneens heel veel.
In dit artikel hoor je aan welke dingen je moet denken om tot de beslissing met de hoogste verwachtingswaarde te komen. Zoals altijd gaat de weg tot een correcte beslissing via de analyse van de handrange van de tegenstander.
Ten eerste zijn er twee fundamenteel verschillende situaties te onderscheiden, en wordt een algemeen begrip gecreëerd over de criteria waar je op moet letten bij het komen tot een beslissing:
- Je bent óf out of position (OOP) óf in position (IP) en er werd tot aan jou gecheckt. Je moet beslissen: check of bet? Hoewel er verschillen zijn tussen OOP en IP is de logica achter een riverbet dezelfde.
- Er werd vóór jou gebet en je moet je beslissen: call, fold of raise?
Aansluitend worden enkele lines die je op de river kunt spelen apart behandeld, en wordt aan de hand van voorbeelden uitgelegd wanneer elk daarvan gebruikt zou moeten worden. Aansluitend aan het artikel kun je de verworven kennis testen in een quiz.
De handrange van de tegenstander
De moeilijkheid bij poker is dat je met onvolledige informatie moet omgaan. Het doel in iedere hand is, op grond van de informatie die je door de speelwijze van de tegenstanders krijgt zo goed mogelijk de hand van de tegenstander te bepalen. Door het beperkte aantal speelwijzen bij poker, lukt het meestal hooguit om een range vast te stellen, dus een hoeveelheid mogelijke handen. Hoe nauwkeuriger je in staat is om het spel van de tegenstander op grond van reads te bepalen, des te betere beslissingen kun je maken.
Op de river ligt alle informatie voor je. De tegenstander heeft preflop, op de flop en op de turn een beslissing genomen, die je informatie geeft over zijn hand. Elke beslissing die genomen wordt geeft je nieuwe informatie, en de mogelijkheid om zijn handrange te beperken. Wat ervan op de river is overgebleven, vormt de basis voor een optimale beslissing van jouw kant.
Voor de juiste beslissing op de river is het dus elementair om een idee te hebben van de handrange van de tegenstander. Hoe breed en hoe goed je de handrange van de tegenstander kunt bepalen is heel verschillend. Daarbij spelen de nauwkeurigheid van je reads en het verloop van de hand meestal een rol.
Hoe een dergelijke analyse van een handrange er tot aan de river uit moet zien en welke verschillende resultaten ze kunnen opleveren, wordt hier vooral aan de hand van drie analyses verduidelijkt volgens de volgende drie basistypes:
- Nauwe range
- Brede range
- Gepolariseerde range
In een aantal gevallen kan de range van de tegenstander op de river slechts heel weinig handen omvatten, wat het je mogelijk maakt om precieze beslissingen te nemen.
Villain: 22/17/2.5/35 Typisch een redelijke TAG, die niet bluft.
Preflop: Hero is BU with A
2 folds, CO raises, Hero 3-bets, 2 folds, CO calls.
Flop: 8


CO checks, Hero bets, CO raises, Hero calls.
Turn: A
CO bets, Hero raises, CO 3-bets, Hero caps, CO calls.
River: 4
CO checks, Hero?
Preflop: Reeds na zijn preflopbeslissing kun je zijn range behoorlijk goed beperken, daar je zijn raise-standaards kent. Hij openraiset vanuit de CO en capt je 3-bet niet. Het geeft hem (volgens de gangbare charts) ongeveer de volgende range: A7-AJ, A2s-AJs, KT-KQ, K8s-KQs, QT-QJ, Q8s-QJs, JT, J8s-JTs, 78s-9Ts, 33-88.
Flop: Hij check/raiset de flop. Daar de tegenstander zelden bluft kun je hier al een groot deel van zijn range wegstrepen. Hij zal waarschijnlijk elk middlepair of hoger check/raisen, ofwel: A8, A8s, KT-KQ, K8s-KQs, 88.
Alleen K8s en 88 verslaan je op dit moment. Daarom is het plan: call flopraise, raise any turn voor value.
Turn: Zijn turnbet beperkt zijn range niet bepaald. Een TAG zal bijna altijd ook nog de turn betten nadat hij de flop heeft gecheck/raiset.
Je raiset zoals gepland ongeacht de kaart en wordt ge-3-bet. Deze move laat een drastische beperking van Villains handrange toe. Het heeft voor hem geen zin om een one-pair-hand te 3-betten. Uit zijn flop-check/raise-range blijven na de 3-bet alleen nog K8s, A8, A8s, A2s en 88 over.
Dit zijn heel weinig handen en je kunt eenvoudig zien uit te vinden of je tegen deze range voorligt en zou moeten cappen. Je ligt op drie combinaties achter: 8





Je ligt op acht combinaties voor: K















River: Villains check op de river beperkt zijn handrange in de regel helemaal niet, omdat hij óf zal check/callen (met A8 en K8) óf zal check/raisen (met 88). Je kunt ervan uitgaan dat slechtere handen slechts callen, maar beter check/raise zullen spelen.
Voor je riverbet heb je daarom 66% equity nodig, daar je slechts één bet wint wanneer je voor ligt, maar twee verliest wanneer je achter ligt. Daar je, goed gezien, voorligt op 8 van de 12 combinaties, dus in 73% van de gevallen, kun je winstgevend valuebetten (en op een raise een crying call maken, in de verwachting vaak te verliezen).
Wat wanneer de river de 8










Een dergelijke nauwkeurige analyse kun je tijdens de hand niet maken, maar ondanks dat moet je het zo goed mogelijk proberen. In uitvoerige analyses achteraf kun je dan de beslissing nog een keer goed controleren.
In het bovenstaande voorbeeld was het mogelijk om de range terug te brengen tot maar enkele handen. In andere gevallen laat een analyse bijna helemaal geen beperking toe, en speel je ook op de river nog tegen een heel grote range van tot 100% van alle mogelijke handen.
In de volgende hand heb je met een veel grotere range te doen, die naast made hands ook blufs bevat.
Villain: 35/27/2.8/42 LAG die veel spots aanvalt.
Preflop: Hero is BB with K
4 folds, SB raises, Hero 3-bets, SB calls.
Flop: 6


SB checks, Hero bets, SB raises, Hero calls.
Turn: 2
SB bets, Hero calls.
River: 9
SB bets, Hero?
PreFlop: De tegenstander is preflop agressief en zal een groot deel van zijn handen openraisen. Een range van 80% moet realistisch zijn. Het feit dat hij niet capt maakt het mogelijk om de beste 8% van zijn handen uit zijn range te verwijderen.
Flop: Daar de tegenstander loose-aggressive is, kan hij deze flop met veel van zijn handen check/raisen. Ieder pair en beter (6x, 9x, Jx pocket) en tevens iedere flushdraw en straightdraw (78, 8T, QT, 57, 58, 7T, 8Q, KT), is een mogelijke hand, en daarnaast nog af en toe een pure bluf.
Turn: De tegenstander zal met iedere hand waarmee hij de flop check/raiset, ook de turn betten voor value of foldequity. Daarom beperkt deze bet zijn range niet en kun je callen, daar je óf voor ligt, óf nog veel outs hebt.
River: Ook de riverbet van deze tegenstander beperkt zijn range niet. Hij zal op de scarecard iedere bluf nog eens barrelen en tevens elk pair voor value betten, daar je geen sterkte hebt laten zien hebt. Wanneer je een dergelijke loose range aanneemt kun je ook hier nog een keer winstgevend callen.
In speciale gevallen, vooral tegen goede tegenstanders, heb je vaak te doen met gepolariseerde ranges. Dan zijn bij de tegenstander zowel goede valuebethanden als goede blufs, en dus compleet waardeloze handen, waarschijnlijk.
Villain: 30/25/2.8/38 Agressieve nadenkende TAG-LAG die veel spots aanvalt.
Preflop: Hero is BU with A
3 folds, CO raises, Hero 3-bets, 2 folds, CO calls.
Flop: 6


CO checks, Hero bets, CO raises, Hero calls.
Turn: A
CO bets, Hero raises, CO 3-bets, Hero calls.
River: 2
CO bets, Hero?
Preflop: Deze tegenstander zal op de CO een openrange van ongeveer 30% hebben, waarvan je ongeveer de beste 7% kunt aftrekken nadat hij niet capt.
Flop: De tegenstander zal niet blind aanvallen, maar wel veel flushdraws, straightdraws zonder showdownvalue, en ook iedere made hand check/raisen. Zijn handrange komt ongeveer overeen met die van de tegenstander in het voorbeeld van de brede range. Maar hij zal weten dat hij op een drawheavy board minder foldequity heeft, en dienovereenkomstig minder vaak met zwakke draws of air agressief spelen.
Turn: De turnbet beperkt zijn range bijna niet, daar TAG’s na een flop-check/raise zelden de turn zullen checken. De 3-bet daarentegen verandert zijn handrange sterk. Elke middelmatige made hand valt af.
Daar je de aas (met goede kicker) representeert, heeft het voor de tegenstander geen zin om one-pair-handen te 3-betten. Zijn range is op dit moment gepolariseerd. Hij bevat alleen nog handen die TPGK verslaan, óf blufs zonder enige showdownvalue, zoals bijvoorbeeld 78s. Deze zou de tegenstander kunnen 3-betten, in de hoop dat je ook slechts de scarecard gebruikt voor een bluf of een free showdownraise, en hij je van een betere hand kan bluffen.
River: Na de nieuwe bet komt zijn range nog overeen met die na de turn-3-bet, daar hij vanwege de grote pot iedere bluf nog een keer moet barrelen, om je zo van busted draws of andere zwakke handen af te krijgen.
Hier heb je op de river dus met een range te doen die slechts sterke made hands of complete blufs bevat.
Op een check heeft het dus ook geen zin om te betten!
Check of bet
De eerste stap naar de analyse van de handrange van de tegenstander is de basis voor de volgende stap: de optimale speelwijze eruit filteren. Daarbij zijn er verschillende criteria om in de gaten te houden.
Zoals in het begin vermeld, zijn er over het algemeen twee situaties te onderscheiden, die apart worden behandeld:
- Je staat voor de keuze: check of bet.
- Je staat voor de keuze: fold, call of raise?
Dit hoofdstuk houdt zich bezig met de eerste situatie. Wanneer moet je checken of betten? Je hebt het initiatief, en hebt op de turn gebet. Op de river moet je nu beslissen of je nog eens moet betten, of liever checkt. Steeds weer sta je ook zonder initiatief op de river voor de beslissing of je moet betten: als donkbet (zonder initiatief) of omdat de tegenstander naar je toe heeft gecheckt.
Ongeacht de positie en het inititatief valt altijd aan de hand van twee criteria te controleren of het beter is om te betten of te checken. Stel jezelf steeds de volgende vragen:
- Kunnen er voldoende slechtere handen uit van de handrange van de tegenstander callen?
- Kunnen er voldoende betere handen uit van de handrange van de tegenstander folden?
Hoeveel voldoende is, hangt van de potgrootte en de eigen positie af. Dit wordt nog uitgelegd.
Om dit te controleren moet je, zoals eerder vermeld, inschattingen maken over de handrange van de tegenstander, en hoe hij met deze handen op de river zal beslissen. Eén vraag is daarbij elementair: Heb je showdownvalue?
Erg vaak heb je een hand die te zwak is om een call van een nog slechtere hand te krijgen, maar die genoeg showdownvalue heeft om nog voor te liggen op een aantal handen van de tegenstander, zoals bijvoorbeeld busted draws. Met dergelijke marginale handen zijn over het algemeen niet allebei de criteria vervuld, en moet je checken.
Voor een bet op de river komen dus alleen made hands in aanmerking, waarmee je door slechtere handen kunt worden gecalld (afhankelijk van de situatie bijvoorbeeld bottompair of beter), of handen zonder enige showdownvalue wanneer betere (highcard)handen kunnen folden, afhankelijk van de situatie bijvoorbeeld K-hoog of slechter.
Het komt in Fixed Limit zelden voor dat je met highcardhanden kunt valuebetten, en eveneens zelden dat je met pairs kunt bluffen.
Villain: 40/10/1.5/40
Preflop: Hero is BB with Q
4 folds, SB calls, Hero raises, SB calls.
Flop: 5


SB checks, Hero bets, SB calls.
Turn: 7
SB checks, Hero bets, SB calls.
River: 2
SB checks, Hero?
De tegenstander is preflop en postflop loose en middelmatig agressief. Op basis van zijn PFR kun je aannemen dat hij de beste ca. 20% van zijn handen uit de SB zal raisen. Hoewel je niet precies weet wat hij complete, kun je vanwege zijn VPIP uitgaan van een brede range. Nadat hij op de flop en de turn check/callt kun je er zeker van zijn dat hij geen T heeft, daar hij die op een bepaald moment zou laten zien. Zijn range bevat op de river dus zwakke made hands (A-hoog, pockets, 9x 5x 7x) en busted straightdraws (QJ, 8Q).
- Kunnen slechtere handen callen?
Deze vraag is hier duidelijk met ‘ja’ te beantwoorden. Daar het een blindbattle is en de tegenstander een hoge WTS heeft, zal hij elk slechter pair callen en vaak ook A-hoog. - Kunnen betere handen folden?
Zeker niet. Geen tegenstander zal hier top-pair op de river folden.
Criterium 1 is vervuld. Je kunt winstgevend valuebetten.
Villain: 40/10/1.5/40
Preflop: Hero is SB with 6
4 folds, Hero raises, BB calls.
Flop: 5


Hero bets, BB calls.
Turn: 3
Hero bets, BB calls.
River: A
Hero?
De tegenstander is zowel preflop als postflop loose en middelmatig agressief. Je kunt aannemen dat de tegenstander een groot deel (tot 100%) van zijn handen tegen een SB-openraise zal verdedigen. Daar hij slechts 10% PFR heeft, zal hij waarschijnlijk ook slechts zijn premium handen 3-betten, die je dus uit zijn range kunt wissen. Hij is agressief genoeg om minstens de T of beter, uiterlijk op de turn te raisen. Zijn range bestaat dus op de river uit busted straight- en flushdraws, A-hoog (top-pair) en kleine pairs.
- Kunnen slechtere handen callen?
Zeker niet, daar je slechts 7 high hebt. - Kunnen betere handen folden?
Dat zou hier kunnen. De tegenstander kan een rij draws hebben (J9, J7, QJ, Q9, 97, 96 en iedere flushdraw die 76s verslaat) die niet zijn aangekomen en die hij moet folden. Zelfs wanneer hij geen pair foldt, hoeft de bluf slechts in één op de zes gevallen te functioneren om +EV te zijn.
Criterium 2 is vervuld. Je kunt winstgevend blufbetten.
Wanneer precies is een riverbet winstgevend?
Hoe vaak een slechtere hand moet callen op een valuebet, of een betere hand moet folden op een blufbet, hangt er vooral van af of je in of uit positie zit.
In positie is het simpel. Wanneer meer dan 50% van de handen die de tegenstander callt, slechter zijn dan die van jou, moet je betten. Dit betekent echter niet dat in totaal 50% van de beslissingen van de tegenstander een call met een slechtere hand zou moeten zijn. Wanneer hij in zeven van de tien gevallen foldt, tweemaal met een slechtere hand callt en eenmaal met een betere, dan is die bet +EV.
Wanneer het gevaar van een check/raise door een betere hand groot is, dan heb je een iets betere hand nodig om te valuebetten. Is daarentegen een check/raise bijvoorbeeld bijna altijd een bluf, dan zouden ook zwakkere handen voor bet/call voldoende zijn.
Uit positie is het complexer, daar de hand nog niet voorbij is wanneer je checkt. De tegenstander zou betere handen behind kunnen checken, of slechtere kunnen betten die hij op een bet zou hebben gefold.
Over het algemeen kun je zeggen: De 50% regel klopt niet voor OOP. Hoeveel procent je moet hebben hangt van de situatie af.
Ga je ervan uit dat de tegenstander alle slechtere handen behind checkt wanneer jij checkt, maar alle betere valuebet, dan zou het voldoende zijn wanneer de tegenstander met een kans van 1/(bets in de pot) een slechtere hand callt. Heeft de tegenstander een betere hand dan zou je inderdaad een bet verliezen en krijg je geen bet meer van een slechtere hand.
Is bijvoorbeeld de pot vóór je bet op de river 9 BB en de tegenstander callt tot 60% met een betere hand, callt tot 20% met een slechtere hand en foldt tot 20% met een slechtere hand, dan moet je betten.
Villain: TAG
Preflop: Hero is SB with K
1 fold, MP raises, CO folds, BU 3-bets, Hero caps, BB folds, MP folds, BU calls.
Flop: 5


Hero bets, BU calls.
Turn: 4
Hero bets, BU calls.
River: 2
Hero?
Check je hier dan zal iedere slechtere hand, die jouw bet wel zou callen, behind checken. Dit zijn handen als kleinere pocketpairs of KQ
Check/call brengt dus niets. De vraag is hoe vaak je hier door een slechtere hand moet worden gecalld, opdat een bet een hogere verwachtingswaarde heeft dan een check/fold.
De pot is na je bet op de river 9.75 BB en wanneer de tegenstander callt 10.75 BB. Je investeert dus 1 BB om 10.75 te winnen. Heeft de tegenstander dus bij meer dan 1 op 10.75 calls een slechtere hand, dan is die bet +EV.
Anders gezegd: Wanneer slechts meer dan 9.3% van zijn callrange slechtere handen zijn, is een bet hier beter dan check/call en check/fold. Dit betekent dat je met de move gemiddeld de meeste winst maakt, zelfs wanneer je in 9 van 10 gevallen door een betere hand wordt gecalld. Is minder dan 9% van zijn callrange een slechtere hand, dan is check/fold de line met de hoogste EV (ofwel met het minste verlies).
Geef je hem op de river een callrange: QQ, AJ-AQ, ATs- en AQs+, dan kom je op 19% equity. Andere handen zou hij daarvoor hebben gefold of geraised, en bij KK maakt het niet uit. In dit extreme voorbeeld moet je dus zelf, als duidelijke underdog (hier zelfs met de inschatting dat JJ niet zal callen), een valuebet maken.
In andere situaties verschuift het evenwicht volkomen en zou je niet zo klein moeten valuebetten. Dit is altijd het geval wanneer:
- het gevaar bestaat, op de river door een betere hand geraised te worden. Dan zou je twee bets betalen voor de showdown;
- er een goede kans bestaat dat de tegenstander een slechtere hand bet, die hij op een bet van jouw kant zou hebben gefold – bluffinduce;
- er een goede kans bestaat dat de tegenstander een betere hand behind checkt. Je bespaart je in dit geval een bet.
In dergelijke situaties kan een check/call een hogere EV hebben dan een bet, zelfs wanneer meer dan 50% van zijn calls slechtere handen zijn. Weliswaar zou een bet dan over het algemeen +EV zijn, maar niet de move met de hoogste verwachtingswaarde.
Villain: typische 'Ik call wanneer je bet. Ik bet wanneer je checkt.'- fish 50,15, 1.3, 40
Preflop: Hero is SB with Q
3 folds, BU calls, Hero raises, BB folds, BU calls.
Flop: 5


Hero bets, BU calls.
Turn: 3
Hero bets, BU calls.
River: 5
Hero?
Het ziet er eigenlijk uit als een duidelijke valuebet en dat zou hier ook niet slecht zijn, daar je veel vaker voorligt dan achter, en ook nog een aantal slechtere handen je callen. Toch kun je hier beter check/callen wanneer je de read hebt dat de tegenstander voor value of als bluf, light bet.
In zijn range zitten de 8, de 5, kleine pockets en veel busted straight- en flushdraws. Met een PFR van 15 heeft de tegenstander na zijn buttonlimp bijna nooit A-hoog. Bovendien kun je ervan uitgaan dat hij top-pair op een bepaald moment zou hebben geraised.
Je hebt tevens de read dat de tegenstander graag bet wanneer jij checkt. Hij zal dus elk pair voor value betten tegen A-hoog, en het kan goed zijn dat hij bluft. Wanneer de tegenstander dus inderdaad iedere slechtere made hand zelf bet zou je beter kunnen checken, alleen om nog een bet van busted draws te krijgen. Bovendien verhinder je zo twee bets te moeten betalen wanneer de tegenstander de 5 heeft.
Villain: 35, 12, 2.3, 45
Preflop: Hero is SB with Q
4 folds, Hero raises, BB calls.
Flop: 5


Hero bets, BB calls.
Turn: 3
Hero bets, BB calls.
River: 5
Hero?
Deze tegenstander heeft zondermeer A-hoog in zijn range. Bovendien zou hij met draws vaak voordien een semi-bluf hebben kunnen spelen. Tegen een dergelijke range (die veel handen met een beetje showdownvalue bevat) en tegen tegenstanders die heel veel callen (hoge WTS), is op de river een valuebet duidelijk beter dan een check/call.
Call, raise of fold?
Wanneer de tegenstander zelf al actief is geworden moet je jezelf afvragen of de eigen hand geschikt is om nog een riverbet te callen of te raisen, of dat je gewoon zou moeten opgeven.
Hoe vaak je bij een call voor moet liggen kun je zien aan de pot-odds. Is de pot na je call 10 BB en je moet voor de showdown een bet callen, dan moet je in meer dan één op de tien gevallen voorliggen om een +EV-call te hebben.
Preflop: Hero is BB with K
4 folds, SB raises, Hero 3-bets, SB calls.
Flop: 6


SB checks, Hero bets, SB raises, Hero calls.
Turn: 2
SB bets, Hero calls.
River: A
SB bets, Hero ?
De pot is na Villains bet op de river 8,25 BB en na je call 9,25 BB. Win je de hand in 1 op de 9,25 gevallen, dan is de EV van de calls 0. Wanneer je dus gemiddeld vaker dan 1/9,25 = ~11% van de gevallen bij de showdown de beste hand kunt laten zien, is de call +EV, oftewel winstgevend.
Hoe weet je of dat je gegeven is? Daarvoor moet je weer de handrange van de tegenstander analyseren en controleren of een voldoende groot deel daarvan handen zijn die je verslaat. Hier moet dus minstens 11% van zijn range bestaan uit slechtere handen (busted straightdraws en pure blufs) om winstgevend te kunnen callen.
In een range-analyse zou je na de check/raise op de flop ongeveer de volgende handen bij de tegenstander kunnen verwachten: Jx, 9x, two pair+, vaak pockets, vaak 6x, veel flushdraws en vaak straightdraws. Bovendien zal hij over het algemeen al deze handen op de turn en op de river betten, voor value of voor foldequity.
Zijn SB-openrange ligt op ongeveer 70%. De beste 10% kun je aftrekken, daar hij niet heeft gecapt. Tegen deze range heb je op de river ~21.1% equity en dus een duidelijke call.
Deze analyse gaat er overigens van uit dat de tegenstander werkelijk iedere busted draw op de river nog eens bluft. Wanneer je gelooft dat hij ook vaker zou opgeven wordt de berekening krapper. Was de river de 5
Daar je tijdens het spelen geen tijd hebt om equilator-analyses en dergelijke te maken, moet je proberen het zo juist mogelijk in te schatten. Daarbij zijn analyses achteraf behulpzaam.
Om een bet op de river te raisen heb je een relatief sterke hand nodig. Dit komt doordat je vaak slechts een bet meer zult winnen wanneer je voorligt en je tegenstander slechts callt. Wanneer de tegenstander daarentegen een sterkere hand heeft, zal hij meestal 3-betten en dan verlies je twee bets.
Je riskeert dus vaak twee bets om één extra bet te winnen. Op basis van deze 1/2-wanverhoudingen kun je, vereenvoudigd, zeggen dat je in 66% van de gevallen voor moet liggen om de river winstgevend te raisen, natuurlijk aangenomen dat je van plan bent om raise/call en niet raise/fold te spelen.
Onder bepaalde voorwaarden klopt deze verklaring echter niet:
- Wanneer de tegenstander in staat is om de river te bluf-3-betten, hoef je over het algemeen minder vaak voor te liggen. Dit komt op lage limieten maar zelden voor.
- Wanneer het board zo scary is, of je raise voor de tegenstander zo sterk moet lijken, dat hij veel sterkere handen niet zal 3-betten, verschuift het ook in de richting van 50%.
- Wanneer de tegenstander veel kleine valuebets in zijn range heeft, die hij op een raise inderdaad foldt, dan kun je daarentegen niet winstgevend raisen, zelfs wanneer je in meer dan 66% voor ligt. Dan win je namelijk zelden een bet meer en riskeer je ondanks dat wel twee bets te verliezen wanneer hij een sterke hand heeft.
Bij een cap telt daarentegen de stelling van 66%- niet, daar de tegenstander bij de meeste aanbieders geen mogelijkheid heeft voor een 5-bet. Hier is het voldoende om je over het algemeen in meer dan 50% van de gevallen voor te weten.
Om in te schatten hoe vaak je met de eigen hand voorligt moet je opnieuw de range van de tegenstander na zijn riverbet of zijn raise bekijken.
Villain: Reasonable TAG
Hero: Image is tight/solide.
Preflop: Hero is BB with K
4 folds, SB raises, Hero 3-bets, SB calls.
Flop: 6


SB checks, Hero bets, SB raises, Hero calls.
Turn: 9
SB bets, Hero calls.
River: K
SB bets, Hero ?
Op de river verbetert je hand zich tot een top-pair. Is de tegenstander agressief, dan wil je niet raise/fold spelen bij odds van 12:1. Mocht de tegenstander bluffen, dan zal hij op de raise altijd folden. Ook wanneer hij een kleine valuebet maakt met 6x, zal hij vaak folden op de raise.
Je wint dus niet altijd een bet méér tegen een slechtere hand. Heeft de tegenstander daarentegen een betere hand, dan zal hij meestal 3-betten, daar hij je op basis van je speelwijze op de K kan readen. Daarom moet je hier, om winstgevend te raise/callen, zelfs in meer dan 66% van de gevallen voorliggen op een made hand bij de tegenstander.
Dat is vanwege deze kaart op de river, die heel veel draws compleet maakt, nauwelijks waarschijnlijk. Je kunt daarom beter gewoon callen. Tegen een tegenstander die nooit een slechtere hand op de river 3-bet, zou raise/fold optimaal zijn, voorzover je jezelf in minstens meer dan één op de twee keer voor ziet liggen.
De wiskunde daarvoor is simpel:
EV(Call) > 0, wanneer EQ > 1 / Pot
EQ is hierbij je equity tegen de range van de tegenstander. Bedenk hierbij dat je de te callen bet bij de pot optelt.
Voorbeeld: De tegenstander bet en de pot is 9 BB. Wanneer je callt zal de uiteindelijke pot 10 BB zijn.
EV(call) > 0, wanneer EQ > 1/10 = 0,1 = 10%
Je moet in dit geval dus meer dan één op de tien keer winnen opdat je call + EV is.
Vaak is de pot op de river al 5-10 big bets groot. Voor een fold met een made hand moet je dus de range van de tegenstander heel goed kunnen inschatten, en zeker zijn dat je achterligt, daar je vaak slechts in 10-20% van de gevallen voor hoeft te liggen.
Preflop: Hero is BB with ?
4 folds, SB raises, Hero 3-bets, SB calls.
Flop: 6


SB checks, Hero bets, SB raises, Hero calls.
Turn: 2
SB bets, Hero calls.
River: 9
SB bets, Hero ?
|
Mogelijke acties in de hand
|
De riverlines in overzicht
In het volgende gedeelte zullen we verschillende riverlines, met als zwaartepunt het spel out of position, onder de loep nemen. Daarbij gaat het om de volgende lines:
- Check /call
- Check /fold of check-behind
- Bet/fold
- Bet/call
Tot nog toe hebben we de criteria voor een check op de river in algemene zin behandeld. Nu is het de vraag wanneer je een bet van de tegenstander nog moet callen, nadat je de river hebt gecheckt. Hier gaat het vooral om de line check/call met initiatief. Het geval dat de tegenstander agressor is, werd al in het eerdere hoofdstuk behandeld.
Het moet vooral zeker zijn dat de twee hierboven genoemde criteria voor een bet niet vervuld zijn, wil de line check/call de hoogste EV hebben:
- Kunnen er voldoende slechtere handen uit zijn handrange callen?
- Kunnen er voldoende betere handen uit zijn handrange folden?
Check/call met initiatief komt dus niet in aanmerking met sterke handen. Daarmee moet je valuebetten. Op dezelfde manier zijn zwakke handen daarvoor niet geschikt. Daarmee moet je óf check/folden óf blufbetten.
Optimale handen zijn dus handen met wat showdownvalue, die te zwak zijn om te valuebetten, maar te sterk zijn om betere handen tot folden te krijgen, en die nog op een aantal handen uit de range van de tegenstander voorliggen. Dit kunnen, afhankelijk van de situatie, vaak J- tot A-hoog-handen of bottom- of middlepairs zijn.
Twee factoren spreken voor de check/call river:
- De tegenstander is agressief of bluft vaak.
- Het board laat veel draws toe, die op de river niet zijn aangekomen.
Met een check/call kun je op grond van de net genoemde, voor jou zinvolle relatieve handsterkte namelijk alleen blufs onderscheppen. Je hoopt dus met de check bij de tegenstander een bluf met een slechtere hand (bijvoorbeeld busted draw) uit te lokken, waar hij op een bet zou hebben gefold.
Daarvoor is het meestal nuttig wanneer de tegenstander agressief is, en dus vaak bet. De AF geeft dat echter onvoldoende aan. Veel tegenstander met een lage AF raisen weliswaar zelden, maar betten vaak trash wanneer je naar ze checkt. Hier zijn tablereads (notes) belangrijk.
Bovendien is het belangrijk of de handrange van de tegenstander inderdaad handen omvat die compleet zonder showdownvalue zijn, en die hij zou kunnen bluffen. Dit is vaak het geval wanneer veel straight- en/of flushdraws mogelijk waren, die op de river niet zijn aangekomen. Juist tegenstanders die hun draws niet agressief spelen hebben dan vaak een hopeloze hand, waartegen je een bluf kunt induceren.
Preflop: Hero is SB with K
4 folds, Hero raises, BB calls.
Flop: 6


Hero bets, BB calls.
Turn: 3
Hero bets, BB calls.
River: 3
Hero checks, BB bets, Hero?
Op de river zal over het algemeen geen slechtere hand callen, en geen betere folden, daar ook A-hoog vaak bij de showdown zal zijn. Daarom komt een bet niet in aanmerking. Op dit board zijn heel veel draws mogelijk geweest: OESD's, gutshots en twee flushdraws, die op de river allemaal niet zijn aangekomen. Daarom zal een groot deel van de range van de tegenstander zulke handen omvatten. Heb je een read dat de tegenstander heel passief is, dan kun je folden en anders zou je voor odds van 1:6 callen, vooral nu de tegenstander A-hoog over het algemeen behind zou checken.
Preflop: Hero is SB with A
4 folds, Hero raises, BB calls.
Flop: Q


Hero bets, BB calls.
Turn: 9
Hero bets, BB calls.
River: 3
Hero checks, Villain bets, Hero?
Ook hier zijn de criteria voor een riverbet niet vervuld. Check/call of check/fold?
Er zijn op de flop geen draws mogelijk. Daarom is het na de turncall van de tegenstander waarschijnlijk dat hij een made hand heeft, die hij op de river valuebet. Daarom zul je wel moeten check/folden.
Maar wanneer moet je betten als je vermoedt dat de tegenstander een betere hand heeft? Dit is steeds het geval wanneer je op basis van de boardtextuur en/of de tegenstander weet dat je geen bluf op de river zult uitlokken, dus bij een passieve tegenstander of wanneer er geen handen zonder showdownvalue in de range van de tegenstander zijn. Dan zal deze over het algemeen niet bluffen, en moet je tussen een kleine valuebet en de line check/fold kiezen, omdat na een check van jou alleen betere handen zouden betten.
Preflop: Hero is SB with J
1 fold, MP3 raises, 2 folds, Hero 3-bets, BB folds, MP3 calls.
Flop: A


Hero bets, MP3 calls.
Turn: 3
Hero bets, MP3 calls.
River: 3
Hero ?
Hier zijn er op de river slechts drie mogelijke handen bij het tegenstander: een pocketpair 44-99, de 9 of de aas, die hij wa/wb speelt. Alle andere handen zou hij op de flop of turn hebben gefold, geraised of preflop gecapt.
Daarom heeft het geen zin om te check/callen. Dan zal hij de 9 behindchecken en de aas valuebetten. Bet je zelf, dan verlies je hetzelfde tegen de aas, maar wint je nog een bet tegen de negen.
Zonder initiatief check/fold je de river vaak, bijvoorbeeld wanneer de draw niet aangekomen is, of wanneer je een calldown afbreekt, omdat er een riverkaart verschijnt die je equity sterk verkleint. Wanneer moet je nu met initiatief check/folden of behind checken, en dus de eigen hand opgeven, hoewel je op de turn nog agressor was?
Ten eerste moet zeker zijn dat je met een bet niets bereikt. De eigen hand moet dus te zwak zijn om te valuebetten, een call van een slechtere hand van de tegenstander moet grotendeels uitgesloten kunnen worden.
Bovendien moet je er zeker van zijn dat te zelden betere handen zullen folden. Wanneer in de handrange van de tegenstander geen of weinig betere handen mogelijk zijn, die op een bet kunnen opgeven (bijvoorbeeld betere busted draws), bereikt die bet niets.
Ben je OOP, en de beslissing voor een check is gevallen, dan moet je jezelf afvragen of het lonend is om die bet van de tegenstander nog te callen. Zijn in zijn handrange slechtere handen zoals bijvoorbeeld busted draws, en zou deze tegenstander daarmee ook blufbetten? Kun je daar, op grond van de tendensen van de tegenstander en/of op grond van het board, niet van uit gaan, dan moet je ook met initiatief op de river check/folden.
Het is belangrijk om deze line in het repertoire te hebben. Veel spelers verliezen een heleboel geld omdat ze geloven dat ze met initiatief op de river altijd zelf moeten betten, of minstens check/callen.
De check/fold of de check-behind is dus het meest op zijn plaats op boards waarop weinig draws mogelijk waren, of waar die draws op de river zijn aangekomen, en je de tegenstander daarom credit moet geven voor een made hand. Bovendien moet je de line vooral tegen zwakke en passieve tegenstanders spelen, omdat deze zelden bluffen wanneer naar hen toe wordt gecheckt.
Naast absolute trash zonder showdownvalue is het vaak ook juist om zwakke tot middelmatige made hands op te geven. Namelijk dan wanneer de handrange van de tegenstander en de ontwikkeling van het board te veel betere handen waarschijnlijk maken.
UTG: 50, 15, 0.8, 38
Preflop: Hero is SB with A
UTG calls, 3 folds, Hero raises, 1 fold, UTG calls.
Flop: K


Hero bets, UTG calls.
Turn: 2
Hero bets, UTG calls.
River: 6
Hero checks, UTG bets, Hero folds.
Hoewel je hier 6,25 tegen 1 voor de call krijgt, een pair hebt, en de tegenstander tot nog toe geen sterkte heeft laten zien, moet je check/folden. De tegenstander heeft weinig A-hoog-handen in zijn preflop-range (VPIP-PFR) en zal deze handen ook niet naar de showdown brengen (WTS). Daarom heeft hij, nadat hij de turn callt, óf een pair, óf een straightdraw. Nadat deze allemaal op de river minstens een pair hebben getroffen, kun je jezelf bijna altijd achter zien staan. Bovendien zal ook geen pair op de bet folden.
BB: 38 / 27 / 2,0 / 42
Preflop: Hero is BU with 8
3 folds, Hero raises, 1 fold, BB calls.
Flop: Q


BB checks, Hero bets, BB calls.
Turn: A
BB checks, Hero bets, BB calls.
River: 6
BB checks, Hero checks.
Ook hier moet je ervan uitgaan tegen een pair te spelen, nadat de LAG bij dit droge board zelfs bij de A op de turn nog callt. Daar de river een blank is, kun je er daar niet vanuit gaan dat een pair foldt. Verder biedt het board ook bijna geen busted draws, zodat een bet in deze situatie niets brengt. Daarom is een check-behind de beste speelwijze.
Het is zeker een leak om op de river heel vaak bet/fold te spelen. Over het algemeen is de pot al zo groot dat je maar af en toe voor moet liggen om een raise nog winstgevend te callen. Afgezien van het geval waarin je als bluf de river bet en op een raise foldt, kan het ook vaak optimaal zijn om een valuebet te maken, en op de raise de hand nog op te geven.
Deze line moet met bedachtzaamheid worden ingezet. Hem nooit te spelen zou echter betekenen dat je de tegenstanders te veel value voor hun sterke handen zou geven. Wanneer is hij dus op zijn plaats?
Simpel gezegd: altijd wanneer je:
- een valuebet hebt;
- in de situatie tegen een raise zit, waarbij je op de bepaalde tegenstander bijna zeker achterligt.
De line is heel sterk, omdat je met check/call vaak hetzelfde bedrag tegen betere handen verliest, maar de tegenstander de kans ontneemt om slechtere handen te checken. Je wint dus een bet meer wanneer je voor ligt en verliest een bet wanneer je achter ligt. Het probleem is natuurlijk dat je, alleen om een bet te besparen, heel veel verliest wanneer je werkelijk de beste hand foldt. Toch spelen de meeste tegenstanders een river-raise nooit als bluf, wat het opnieuw met goede reads tot een heel goede line maakt.
Typische situaties doen zich voor wanneer de tegenstander een gepolariseerde range tussen een laag pair en een draw heeft. Je hebt een goed second pair of top-pair, en op de river komen veel draws aan. Wanneer je hier check/callt zullen de pairs meestal behind checken, en zullen alleen betere handen betten. Bet/fold je daarentegen, dan win je een extra-bet van lagere pairs, maar verlies je ondanks dat slechts één bet tegen een aangekomen draw.
Daar het heel duur is om de beste hand in een grote pot te moeten folden, moet je erg oppassen dat het je tegenstanders niet lukt om de line met riverblufraises uit te buiten.
BB: 25 / 19 / 2,2 / 39 oder 40 / 14 / 1,2 / 40
Preflop: Hero is SB with J
4 folds, Hero raises, BB calls.
Flop: 8


Hero bets, BB calls.
Turn: Q
Hero bets, BB calls.
River: 9
Hero bets, BB raises, Hero folds.
Op de river zou je een valuebet tegen elk pair missen wanneer je check/callt speelt. Ook een TAG zal hier niet iedere zwakkere hand zelf betten. Daarom is de valuebet je plicht. Nadat echter de raise komt moet je jezelf ver achter zien liggen. Er is geen acceptabele zwakkere made hand die de tegenstander hier zou kunnen raisen. Je ligt dus alleen voor op een bluf.
Daar er echter geen busted draws zijn, zou de tegenstander al een pair of A-hoog in een bluf moeten veranderen. Dit zal niet in één op de acht gevallen zo zijn. Bovendien zijn er heel veel handen uit Villains coldcallrange die zich hebben verbeterd. Veel two pairs, straights en flushes zijn mogelijk.
Wanneer je de river moet bet/callen blijkt al uit hetgeen tot nog toe is gezegd: wanneer de eigen hand sterk genoeg is voor een valuebet en tevens nog sterk genoeg is tegen een raise van de tegenstander, lig je nog vaak genoeg voor.
Daarbij moet je jezelf afvragen of je ook tegen acceptabele made hands van de tegenstander voorligt. Versla je alleen nog maar een bluf, dan kun je vermoedelijk ook sterke handen op een raise folden, voorzover je de tegenstander niet in staat acht om de river met air te raisen.
Is echter op de river bijvoorbeeld nog een two pair dat in de range van de tegenstander ligt, mogelijk geworden die zwakker is dan de jouwe, dan kom je vanwege de potgrootte vaak niet meer los van je eigen hand.
Je moet altijd voor ogen houden dat je alleen met een kans van 1/(pot+1) na Villains raise voor moet liggen om winstgevend te callen. Dit is heel vaak het geval wanneer je bedenkt dat de potgrootte vaak al ca. 10 BB bedraagt, zelfs in normale heads-up-potten.
Bovendien moet je ook vanwege je image een raise vaak nog callen, daar je anders zoals gezegd gemakkelijk geëxploiteerd kunt worden, en veel big bets verliest.
Het is een belangrijke vraag of de tegenstander met zijn raise op de river een hand kan representeren. Vaak ligt bijvoorbeeld de riverkaart helemaal niet in de range van de tegenstander. Wanneer hij dus niet net zijn raise heeft vertraagd, speel je vaak tegen een bluf, bijvoorbeeld van een busted draw.
BU: 40 / 18 / 1.5 / 44
Preflop: Hero is SB with J
3 folds, BU calls, Hero raises, 1 fold, BU calls.
Flop: Q


Hero bets, BU calls.
Turn: 3
Hero bets, BU calls.
River: A
Hero bets, BU raises, Hero calls.
Tegen deze loose tegenstander moet je de river valuebetten. Hij zal ieder klein pair nog callen. Nadat hij raiset moet je jezelf afvragen wat hij hier kan representeren. Naar zijn preflopstats te oordelen zou de tegenstander elke aas preflop raisen. Een vrouw tot aan de river te delayen, en dan ook nog bij de aas te raisen, heeft geen zin. Daarom moet je hier in ieder geval callen. Hij zou weliswaar een monster kunnen hebben geslowplayd, maar in één op de negen gevallen laat hij zeker een slechtere hand zien dan die van jou.
Slot
Ook wanneer op de river de kaarten al gedeeld zijn, en de beslissingen niet meer zo spectaculair overkomen, is de riverplay heel rijk aan facetten. Al het andere is eenvoudig. Je moet je bets op de river met verstand en geconcentreerd uitvoeren, om zo de beste winrate te bereiken.
Het achterwege laten van valuebets en het callen in de verkeerde situaties, zijn wijd verbreide leaks, die veel spelers bij het opklimmen in de limieten tegenhouden. In dit artikel hebben we je met essentiële concepten voor gevorderde spelers laten zien hoe je het spel op de river het beste de baas kunt worden.
| LINKS | ||||||||||
|
||||||||||