Hoe speel je een freeroll?
Inleiding
In dit artikel
- Wat freerolls zijn
- Zonder risico je bankroll vergroten
Freerolls zijn toernooien waarvoor je geen buy-in hoeft te betalen. Dat is het goede nieuws. Het slechte nieuws is dat je meestal ook niet veel geld kunt winnen. Toch loont het zich om ze te spelen.
- Met freerolls kun je de basis voor je bankroll leggen. Meerdere spelers hebben al laten zien dat je jezelf, zonder ook maar één cent in te leggen, omhoog kunt spelen.
- Freerolls zijn een gratis mogelijkheid om ervaring op te doen. Het is bijvoorbeeld heel moeilijk om de benodigde ervaring voor het spel aan een finaletafel te verzamelen, simpelweg omdat je hem zo zelden haalt. Hoe vaak start je een toernooi en hoe vaak haal je aan het einde de finaletafel?
- Freerolls zijn leuk. Je riskeert immers geen geld en in deze toernooien komen de meest verschillende soorten mensen voor, waarvan een aantal types het waard zijn om te leren kennen.
Dat deze toernooivorm geen buy-in heeft leidt echter ook tot een aantal bijzonderheden en misschien ook wel merkwaardigheden. Welke dat zijn en met welke strategie je het beste aan een freeroll kunt beginnen, leer je in dit artikel.
Hoe zijn je tegenstanders?
Ook wanneer er spelers zijn die iedere vorm van poker enorm serieus nemen, overheersen in freerolls toch twee soorten spelers:
- De speler die inderdaad geen idee van poker heeft.
- De speler die onverschillig is over het resultaat in het toernooi.
De spelers weten niet wat ze doen of willen gewoon slechts hun pleziertje hebben. Wanneer je al een keer een tafel vol van dergelijke tegenstander hebt meegemaakt, dan weet je wat dit betekent: mooi poker is iets anders.
- Je inzetten en raises worden niet gerespecteerd.
- Het is moeilijk om je tegenstander op bepaalde kaarten te zetten.
- Complexe speelwijzen zijn over het algemeen 'te complex' en zinloos.
Een freeroll is vaak iets als een gesloten poker-inrichting. Op een of ander moment draait er altijd wel iemand door en smijt, zonder reden, zomaar zijn chips naar het midden.
Pokeren met de grote hamer
Wanneer je van plan bent om een freeroll te winnen, geven je tegenstanders je ook de daarvoor geschikte strategie aan: Je moet met de grote hamer pokeren, ruw en simpel.
- Speel alleen de goede starthanden.
- Maak grote raises en grote bets. Groter dan in een normaal spel.
- Wanneer je een goede hand hebt, geef ze dan de volle laag.
- Heb je niets, dan laat je het erbij. Bluf niet!
Dat is het in principe. Op goede kaarten wachten en er tegenaan gaan. In detail kun je daarbij drie fases onderscheiden:
- De vroege fase: De chipstacks zijn in vergelijking tot de blinds nog behoorlijk groot. Je hebt meer dan 25 big blinds aan chips.
- De late fase: De blinds zijn duidelijk gestegen. Je chipstack is gezakt onder de 25 big blinds.
- De finaletafel: De beslissende fase. Je hebt de laatste tafel bereikt.
Hoe speel je in de vroege fase?
In de vroege fase van een freeroll zul je met een normale raise het spelersveld niet kunnen verkleinen. Zelfs met twee azen sta je er slecht voor wanneer je met vier tegenstanders de flop ziet. Daarom moet je met je sterke handen direct voor de flop all-in gaan.
Ga in iedere positie all-in met een pair azen, koningen, vrouwen en aas-koning, ook wanneer er al vóór je werd geraised.
In middel- en late positie ga je ook met een pair boeren en aas vrouw all-in, voor zover er tot nog toe niemand heeft geraised.
Verder moet je met kleinere pairs vanaf twee zessen en hoger, in middel- en late positie verhogen naar ongeveer 4 big blinds (liever nog meer) wanneer er nog geen raise was.
In late positie kun je, als er nog geen raise was, de flop met speculatieve kaarten bekijken. Dit betekent dat je limpt (je betaalt slechts de big blind) met: twee vijven, vieren, drieën, tweeën, gelijk gekleurde (suited) azen en de zogenaamde middelmatige tot hoge suited connectors. Dit zijn opeenvolgende kaarten (zoals 7 en 6 of Q en J) van dezelfde soort (suit).
Vanaf de flop draait alles om die éne vraag: Heb je iets? Zo niet, dan ben je weg.
Met twee pair of een nog betere hand ga je all-in.
Met een flushdraw of open-ended straightdraw (OESD) ga je all-in wanneer al meerdere tegenstanders verder chips hebben geïnvesteerd.
Met een zogenaamd top-pair, een pair met één van je startkaarten en de hoogste gemeenschappelijke kaart, ga je alleen all-in wanneer je maximaal twee tegenstanders hebt. Anders speel je daarmee heel voorzichtig.
Hoe speel je in de late fase?
De late fase begint wanneer je nog ongeveer 20-25 big blinds hebt. Dan is de strategie: 'raise or fold'. Dit betekent dat je voor de flop óf raiset, óf foldt. Zodra een tegenstander voor of na jou raiset, fold je of ga je all-in, natuurlijk alleen met geschikte hand. De call-button in de spelsoftware is vanaf deze fase taboe!
Kijk vooral uit voor de spelers met kleine chipstacks. Tegen deze spelers heb je goede kaarten nodig, want ze wachten er op om je met hun chips om je oren te slaan.
Ga ook niet opboksen tegen heel agressieve tegenstanders die meer chips hebben dan jij. Ook tegen deze spelers heb je een solide hand nodig.
Raise in iedere positie met een pair azen, koningen, vrouwen, boeren, tienen of aas-koning, naar ongeveer 4 big blinds. Gaat iemand er overheen, dan ga je all-in.
In middle en late positie raise je ook met een pair negens en daarnaast ook met koning-vrouw, aas-boer en aas-vrouw. Wordt er dan achter jou geraised, dan ben je met alle daarvoor genoemde handen all-in, met uitzondering van koning-vrouw en aas-boer, die je moet wegleggen.
In deze toernooifase wordt de ronde meestal uiterlijk op de flop beslist, omdat de pot zo groot wordt dat je er niet meer uit wegkomt wanneer je eenmaal besloten hebt om door te spelen.
Heb je voor de flop geraised en heb je slechts één tegenstander, dan bet je met iedere hand ongeveer ½ tot 2/3 van de pot. Raiset iemand, dan ga je all-in met ieder top-pair en beter of met een flushdraw. Dit geldt ook wanneer je niets hebt getroffen, maar je beide startkaarten hoger zijn dan iedere gemeenschappelijke kaart (overcards).
Hoe speel je aan de finaletafel?
In feite geldt ook voor de laatste tafel de strategie zoals voor de late fase, met een paar kleine aanpassingen. Je moet nog meer nadruk leggen op positie en gunstige momenten gebruiken, waarin iedereen voor jou foldt en jij als eerste een raise kunt aankondigen.
Respecteer echter ook wanneer tegenstanders in vroege positie verhogen. Dan hebben ze vaker ook werkelijk iets op de hand.
Raiset iemand in vroeger positie, ga dan all-in met twee azen, koningen, vrouwen, boeren en aas-koning.
Heeft iemand in middle-position geraised, dan ga je ook all-in met twee tienen, twee negens en aas-vrouw.
Wanneer nog niemand heeft geraised en je in vroege of middle-position zit, dan ga je all-in met ieder pair vanaf twee negens en ook met aas-koning, aas-vrouw en aas-boer.
Zit je in late positie, dan komen daar nog twee zevens, achten en koning-vrouw bij, waarmee je eveneens all-in kunt gaan wanneer er daarvoor nog niet geraised werd.
Tip: Naast het lezen van onze artikelen, kun je ook ander educatief materiaal gebruiken om sneller te leren hoe je poker speelt.
| LINKS | |||||
|
|||||
