Bijgewerkt op 13 mrt 26 door

Odds en Outs - hoe speel je draws?

Introductie

In dit artikel:

  • Welke kaarten helpen je
  • Leer risico's en voordelen afwegen
  • Niet iedere kaart die lijkt te helpen, is ook echt goed.

Een draw of drawing hand, is een hand die nog niet af is en nog een community kaart nodig heeft om gedefinieerd te worden als een made hand.

De sterkte van een draw

De kracht van een draw hangt in eerste instantie af van de hoeveelheid kaarten die hem compleet kunnen maken. Deze kaarten worden ook wel ‘outs’ genoemd. Een tweede factor in het bepalen van de sterkte, is de zogenaamde foldequity. Dit is de kans dat je tegenstander zijn hand zal folden wanneer je de draws agressief speelt. Simpelweg omdat de tegenstander sneller foldt, geldt in z'n algemeenheid de volgende regel: Des te minder tegenstanders er nog in de hand zitten en hoe voorzichtiger ze spelen, des te hoger je foldequity.

Bij het spelen van draws is het heel belangrijk dat je de rekenkundige beginselen goed begrijpt. Het is noodzakelijk om te weten hoe groot de kans is dat je de draw compleet maakt, zodat je hem in elke situatie winstgevend kunt spelen. 

In dit artikel leer je....

  • Hoe je de kans berekent dat je de draw compleet maakt.
  • Hoe je draws speelt in de vroege-, midden- en late fase van een toernooi

DOWNLOADS

De odds-tabel als PDF-file

 

Video: Odds en Outs - Hoe speel je draws?
.
Bekijk de video

De inhoud van dit artikel kun je nu ook als video bekijken. Klik op het plaatje aan de linker kant om het videovenster te openen.

Lees daarnaast echter ook het artikel nog eens door om de strategie echt onder de knie te krijgen. Je pokeraccount zal je dankbaar zijn.

 

Outs – welke kaarten kunnen mij helpen?

Outs zijn alle kaarten die nog gedeeld kunnen worden en je hand zouden verbeteren tot mogelijk de beste hand.

VOORBEELD A
 

Je hebt een waardeloze hand voor een showdown. Toch maak je kans om een sterke hand, namelijk een straight, wanneer de turn of de river een aas of een zes brengt.

Deze kaarten, de aas en de zes zijn je outs. Laten we nu eens kijken hoeveel dat er zijn. Dit is gemakkelijk te bepalen omdat we weten hoeveel azen en zessen er in het deck zitten. Er zijn vier kaarten van elke soort, wat dus een totaal geeft van acht outs. Er hoeft maar één van deze acht kaarten te vallen om je hand te veranderen in een sterke hand.

Hier is een voorbeeld van je outs:

VOORBEELD B
 

De situatie is hier sterk verbeterd voor je. Je hebt nu niet alleen outs voor een straight met elke aas of zes, maar ook nog kans op een flush (vijf kaarten van dezelfde soort) met elke klaveren. Bovendien zou een klaveren aas of klaveren zes je een straightflush geven.

Het aantal outs is dus toegenomen. We kunnen nu elke klaveren in het deck rekenen als een out. Er zijn in totaal 13 kaarten per soort in een deck, waarvan er nu al vier uit zijn. We hebben dus nog 13 – 4 = 9 outs voor een flush. Bij de acht outs voor de straight uit het vorige voorbeeld, zijn twee kaarten al geteld voor de outs van de flush, namelijk de aas en zes van klaveren. Daardoor komt het totaal aan outs te liggen op 9 + 6 = 15:

 

Jouw Outs


 

VERDERE VOORBEELDEN
  • Flushdraw - 9 Outs

    Er zijn 13 kaarten van elke kleur in het deck. Vier zijn er al gedeeld. Daarmee blijven er 9 outs over om de flush compleet te maken.

     

     

  • OESD (open-ended Straightdraw) - 8 Outs

    Iedere 4 en iedere 9 maken van deze OESD een straight. Een OESD heeft daardoor altijd 8 out.

     

     

  • Twee overcards - 6 Outs

    Er zijn nog 3 azen en 3 vrouwen in het deck, die jou een toppair zouden geven. Daarom heb je met 2 overcards 6 outs.

     

     

  • Een pair met een kans op three-of-a-kind of twee pair - 5 Outs

    Er zijn nog 2 achten in het deck die jou een three-of-a-kind zouden geven. Een van de 3 resterende koningen zou je two pair geven. Samen levert dat 5 outs op als je een kleiner pair hebt.

     

     

  • Gutshot - 4 Outs

    Bij een Gutshot-draw heb je uitzicht op een straight, als de missende kaart 'in het midden' op het board verschijnt. Er zijn precies vier kaarten waarmee dat gebeurt, in dit geval iedere twee. Je hebt met een gutshot dus 4 outs.

     

Odds – hoe groot is de kans dat ik mijn draw compleet maak?

Wat zijn nu precies odds? Simpel gezegd: de kans dat je hand verbetert.

Odds = nutteloze kaarten : helpende kaarten

Dit wordt ook wel ‘odds against’ genoemd, omdat ze de kans aangeven dat een hand niet verbetert. Hoe vaak zal ik mijn draw missen en hoe vaak zal ik hem compleet maken? De kansen daarop worden odds genoemd.

Deze schrijfwijze is een conventie die het makkelijker maakt om vast te stellen of het de moeite waard is om jouw hand verder te spelen, zoals je in het volgende hoofdstuk zult zien.

Laten we nog eens kijken naar een voorbeeld hierboven:

 

Op de flop kent de speler al 5 kaarten, de hole cards (kaarten op de hand) en de eerste drie community cards. Er kunnen dus nog 47 onbekende kaarten komen op de turn. 8 van deze 47 kaarten zullen hem helpen en zijn draw compleet maken, dus zijn er 47 – 8 = 39 kaarten die hem niet helpen. De odds van de flop tot de turn zijn dus 39:8, ofwel ongeveer 5:1

Hier is een gemakkelijk manier om de nutteloze kaarten te tellen:

Nutteloze kaarten = onbekende kaarten – nuttige kaarten

Omdat er al 5 kaarten bekend zijn op de flop (de hole cards en de 3 community cards), zijn er 52 – 5 = 47 onbekende kaarten. Op de turn zijn er nog maar 46 over. De nuttige kaarten zijn je outs. Daaruit volgt de volgende berekening:

Odds van de flop naar de turn = (47 – outs) : outs

Een standaard situatie voor het toepassen van de hierboven genoemde odds van de flop naar de turn is als jij bij een freeplay een draw krijgt. Met andere woorden; als je in de big blind zonder een verdere inzet de flop kunt zien.

Odds & Outs

Outs Odds van de flop naar de turn (1 kaart)
Odds van de flop naar de river (2 kaarten) Voorbeeld
1 46:1 22,5:1 De volgende twee kaarten zijn van dezelfde kleur
2 22.5:1 11:1 Je hit three of a kind met een pocket pair
3 15:1 7:1  
4 11:1 5:1 Gutshot
5 8:1 4:1 Verbetering van pair naar three of a kind of two pair
6 7:1 3:1
7 6:1 2,5:1  
8 5:1 2:1 OESD
9 4:1 2:1 Flushdraw
10 3,5:1 1,5:1
11 3,5:1 1,5:1
12 3:1 1:1 Flushdraw en gutshot
13 2,5:1 1:1 OESD en een pair (die kan verbeteren naar two pair of three of a kind)
14 2,5:1 1:1 Flush draw en een pair (die kan verbeteren naar two pair of three of a kind)
15 2:1 1:1 Flushdraw en OESD

Pot odds - Kan ik mijn hand profitabel spelen?

Nu je de kans kent dat je een draw hit aan de hand van het aantal outs, zullen we eens kijken hoe je deze kennis praktisch kunt gebruiken tijdens het spelen.

Laten we nog eens kijken naar een eerder voorbeeld:

 

Laten we nu eens kijken naar de situatie waarin je deze kaarten hebt gekregen bekijken. Je hebt nog 1 tegenstander, de pot is $10 en de tegenstander bet $2. Is het de prijs waard om in de hand te blijven en $2 te betalen om de turn kaart te zien?

  • Potgrootte voor de inzet van je tegenstander: $10
  • Inzet van je tegenstander: $2
  • Wat kun je mogelijk winnen: $12
  • Hoeveel moet je hiervoor betalen: $2

Zoals we weten zijn de odds dat je een straight hit op de turn, ongeveer 5:1 tegen je. Dat betekent dat je 1 op de 6 keer je hand zal verbeteren. Laten we aannemen dat je één op de zes keer de pot van $12 wint en de andere vijf van de zes handen je investering van $2 verliest. Daarbij nemen we even aan dat deze handen moeten worden opgegeven wanneer de hand niet wordt verbeterd op de turn.

Wanneer je 5 van de 6 keer de bet callt op de flop, dan verlies je 5x $2. Dat houdt in dat je in totaal $10 verliest, gemiddeld win je echter $12. Je pure winst is dan ook (winst – verlies) $12 - $10 = $2.

Daarom is een call op lange termijn profitabel. Je maakt op de lange duur, iedere keer als deze situatie zich voordoet namelijk $2 / 6 = $0.33 winst.

Op dit moment komen de pot odds in het spel. Ze geven de verhouding aan tussen de grootte van de pot (pot size) en de hoeveelheid die nodig is om een call te maken. Met andere woorden: het is een definitie die de verhouding tussen verlies en winst weergeeft.

Pot Odds = potsize : te callen bedrag

In de situatie hierboven is de grootte van de pot $10 en brengt de bet van de tegenstander de pot op $12. Je moet dus $2 betalen om in het spel te blijven en de turn kaart te zien. De pot odds zijn daarom $12 : $2 oftewel 6:1

Zoals de cijfers 6:1 en 5:1 al doen vermoeden is er een simpele regel:

Wanneer de pot odds groter zijn dan de odds voor een draw, dan is callen op de lange duur winstgevend. Zijn ze slechter, dan verlies je geld.

Wat nu, wanneer de tegenstander twee maal die hoeveelheid inzet, namelijk $4? Aan de ene kant wordt de pot daardoor groter ($10 + $4 = $14). Aan de andere kant zijn de pot odds nu $14:$4, ofwel een verhouding van 3,5:1. In dit geval is het niet meer winstgevend om de bet te callen. Je zou daarom ook niet meer door moeten spelen omdat je op de lange termijn verlies zou lijden.

OM het nog eens precies uit te rekenen: In een van de zes gevallen maak je $14 winst. In vijf van de zes gevallen maak je $4 verlies. Na zes pogingen heb je dus gemiddeld $14 gewonnen, maar daarentegen $4 * 5 = $20 verloren hebben. Dit komt neer op een totaal verliezen van $6. Gemiddeld gezien verlies je bij iedere herhaling van deze situatie $1.

In het bovenstaande voorbeeld hebben we met geldbedragen de odds berekend. Dit doen we omdat de pot odds altijd inzage geven in de vraag of we dit soort handen winstgevend verder kunnen spelen of niet.

In een toernooi komt daar nog eens bij op dat je niet zomaar chips kunt bijkopen. Daarom zijn daar andere strategische overwegingen te maken en de uitdrukking: ‘je chips beschermen’ is erg belangrijk. Dit houdt in dat een beslissing die puur vanuit pot odds berekend is, een prima beslissing kan zijn in een cash game, maar in een toernooi strategisch gezien fout kan zijn. Dit soort concepten worden verder uitgelegd in de komende paragrafen.

Hoe speel je draws in een vroege fase van een toernooi?

De volgende factoren beïnvloeden het spelen van draws in de vroege stadia van een toernooi:

  • Het aantal tegenstanders:

    Hoe groter het aantal tegenstanders, hoe minder agressief je moet spelen met draws. Wanneer alle tegenstanders voor jou hebben gecheckt, kun je het beste ook gewoon checken en een gratis kaart nemen. Dit gaat ook op wanneer meerdere tegenstanders nog na jou moeten handelen. De sterkte van een draw wordt minder naarmate het aantal tegenstanders groeit.

  • Positie:

    Wanneer je als eerste moet handelen is een bet af te raden. Je kan beter checken en alvast bezig gaan met wat je van plan bent wanneer je de turn mist of wanneer een tegenstander bet op de flop.

  • Foldequity:

    Foldequity is, zoals eerder al gemeld, de kans dat je de pot wint door druk uit te oefenen op je tegenstanders. Hoewel fold equity theorethisch aanwezig is, zitten vooral de lagere limieten van SNG’s in de beginfase vol met slechte en loose spelers. Ze spelen elke hand, zonder op pot odds te letten. Daarom is het belangrijk om de hoeveelheid foldequity die je hebt niet te overschatten!

  • Potsize:

    In de beginfase van een toernooi is de grootte van de pot zelden groot genoeg om draws op een agressieve manier winstgevend te kunnen spelen.

  • Je odds:

    Wanneer de pot odds correct zijn, is het meestal goed om te callen met een draw, zolang de bet niet een te groot deel van je stack is. Zelfs met goede odds moet je altijd blijven kijken of je stack risico’s loopt.

  • Je outs:

    Hoe meer outs je hebt, des te gemakkelijker kun je met een draw callen.

Aanbeveling: riskeer nooit teveel chips! Het is beter om voorzichtig te spelen en free cards te krijgen, dan je draws agressief te spelen.

Hoe speel je draws in het midden van een toernooi?

De volgende factoren hebben invloed op je spel in deze fase van een toernooi:

  • Je foldequity:

    Foldequity speelt een beslissende rol in deze fase van een toernooi, omdat hij hier waarschijnlijk het grootst is. Het is ook belangrijk om te letten op de voorgaande acties. Wanneer één of meer tegenstanders hier sterkte laten zien, dan zul je waarschijnlijk minder foldequity hebben.

  • De potsize:

    De grootte van de pot bepaalt meestal of je all-in gaat, of gewoon een normale bet maakt.

  • Je outs:

    Hoe meer outs je hebt, des te agressiever kun je jouw draws spelen.

  • Het aantal tegenstanders:

    Hoe meer tegenstanders er zijn, des te meer chips er in de pot liggen. Daarom kan agressief spelen van een draw erg winstgevend zijn, afhankelijk van de potsize.

  • Reads/inzicht in de speelstijl van je tegenstanders:

    Reads (of een goed inzicht hebben in de stijl van de tegenstanders) spelen een belangrijke rol in het spelen van draws in de middenfase van een SNG. Is je tegenstander erg loose? Callt hij gemakkelijk met zwakke handen? In die situatie is je foldequity laag. Wanneer hij tighter speelt, of angstig, dan is je FE uiteraard hoger.

Aanbeveling: Kijk altijd naar de verhouding van de potsize ten opzichte van je eigen stack. Hoe groter de pot is, des te winstgevender wordt een agressief gespeelde draw.

Hoe speel je draws in de late toernooifases?

De volgende factoren beïnvloeden het spel in de late fases van een toernooi:

  • Je outs:

    Hoe meer outs je hebt, des te gemakkelijker kun je all-in pushen.

  • Je foldequity:

    In de late fases heb je meestal een zwakke foldequity, daar de meeste spelers een low stack hebben.

  • Je odds:

    Odds spelen niet vaak een grote rol in deze fase, daar je over het algemeen in de push/fold mode speelt. De potten zijn zo groot dat je bijna nooit de juiste pot odds hebt.

  • De potsize:

    Over het algemeen is de pot groot genoeg om meteen all-in te gaan.

  • Wie heeft het initiatief?

    Wanneer jij het initiatief hebt, dus de preflop agressor bent en je hebt een sterke draw, dan ga je all-in wanneer je jezelf genoeg foldequity geeft. Heeft je tegenstander het initiatief en all-in gepushed, dan kun je alleen callen met erg sterke draws.

Aanbeveling: In deze fase van een toernooi zul je maar zelden genoeg foldequity hebben vanwege de erg lage chipstacks. Daarom moet je draws laten vallen ten opzichte van losse tegenstanders, die hoogstwaarschijnlijk hun chips naar het midden schuiven.

Voorbeelden

Hand 1: OESD in de vroege fases

Chip stacks:
Button (t1500)
Hero (t1500)
BB (t1500)
UTG (t1500)
UTG+1 (t1500)
MP1 (t1500)
MP2 (t1500)
MP3 (t1500)
CO (t1500)

Preflop: Hero is SB with Q, K.
UTG calls t20, 2 folds, MP2 calls t20, 3 folds, Hero completes, BB checks.

Flop: (t80) 5, T, J (4 players)
Hero checks, BB checks, UTG bets t60, MP2 calls t60, Hero calls t60.

Opmerkingen:
Op de flop heb je een OESD, dus 8 outs. Dit betekent dat je in 17% van de gevallen je straight op de turn zal krijgen. De odds zijn dus 5:1. Je moet 60 callen in een pot van 200, dus 3:1. Tegen 3 tegenstanders kun je in de meeste gevallen de A en 9 niet bij je outs rekenen, omdat ze een flush zouden kunnen geven aan een van de tegenstanders. Daarom kan je maar 6 outs meerekenen. In dit geval zal je je draw dus maar 1 op de 6 keer hitten. Daarentegen hoef je met 60 chips maar een fractie van je stack in te zetten en kun je gemakkelijk meer winnen wanneer je je draw hit. Daarom heeft callen hier dus zin.

Hand 2: Flushdraw in vroege fases

Chip stacks:
MP2 (t1740)
CO (t5705)
Button (t1340)
SB (t345)
BB (t1430)
UTG (t1470)
Hero (t1470)

Preflop: Hero is MP1 with A, K.
1 fold, Hero raises to t90, 4 folds, BB calls t60.

Flop: (t195) Q, 3, 4 (2 players)
BB checks, Hero bets t120, BB raises to t1340, Hero ?

Opmerkingen:
In de meeste gevallen heeft de tegenstander minstens een top pair. Zou hij bijvoorbeeld QJs hebben, dan heb je maar een miniem voordeel van 52:48. In het beste scenario, waar de tegenstander alleen maar een top pair heeft met een vrouw, kun je nog een flushdraw en een A en K bij je outs optellen. In totaal geeft dit 14 outs, waardoor je 52% favoriet is. Dat zou inhouden dat het winstgevend zou zijn om all-in te gaan wanneer je tegenstander nooit een betere hand zou hebben dan top pair. Dit is natuurlijk niet het geval, dus je moet folden.

Hand 3: Monsterdraw in de middenfase

Chip stacks
UTG (t1730)
CO (t2280)
Button (t2728)
SB (t10952)
Hero (t2310)

Preflop: Hero is in BB with 7, 8
UTG folds, CO raises to t200, Button calls t200, SB calls t150, Hero calls t100

Flop: (t800) 9, 9, T (4 players)
SB checks, Hero bets t200, CO raises to t2080, Button folds, SB folds, Hero ?

Opmerkingen:
De call op de preflop raise is marginaal, maar het kan wanneer de hand postflop wel goed wordt gespeeld. Op de flop heb je een OESD en flushdraw. Dit betekent dat je 15 outs hebt en dus 55% kans hebt om je straight of flush te maken.

Er moet alleen wel worden opgemerkt dat met drie tegenstanders de kans aanwezig is dat iemand een hogere flush draw heeft. Bovendien kan het zijn dat een 8 of een K een van de tegenstanders een straight geeft.

Maar toch, je draw is sterk en de pot is groot genoeg in verhouding tot je stack. Bovendien is dit het juiste moment in een SNG om een andere koers te kiezen dan uitgelijnd. Zolang de tegenstanders niet supervoorzichtig zijn, is de beste optie hier te checken en dan all-in te pushen op een bet. Zelfs sterke tegenstanders zullen gemakkelijk een bet van 400-600 callen. Een all-in callen is daarentegen onwaarschijnlijk. De bet van 200 chips is in deze hand echter niet geschikt.

Hand 4: OESD in de middenfase

Chip stacks:
UTG (t680)
UTG+1 (t2579)
MP1 (t1739)
MP2 (t2196)
CO (t3403)
Button (t1740)
SB (t5773)
Hero (t1890)

Preflop: Hero is in BB with 4, 5
UTG folds, UTG+1 folds, MP1 calls t200, MP2 folds, CO folds, Button folds, SB calls t100, Hero checks

Flop: (t600) 2, 3, J (3 players)
SB bets t300, Hero raises to t1690

Opmerkingen:
Je bent nog niet echt shortstacked hier. Op de flop heb je een OESD en dus 32% kans om je straight te hitten op de river. Eén van de twee tegenstanders, de chip leader, plaatst een bet op de flop ter grootte van de pot. De andere tegenstander hoeft pas na jou te reageren. Er is geen reden om hier all-in te pushen, omdat je fold equity ten opzichte van de SB -die sterkte heeft getoond- behoorlijk laag is. Daar komt nog bij dat er nog een speler moet handelen. De enige juiste manier van spelen is hier daarom folden.

Hand 5: Flushdraw in de late fase

Chip stacks:
CO (t2355)
Button (t5030)
SB (t3205)
Hero (t2910)

Preflop: Hero is in BB with 7, K
CO folds, Button calls t200, SB calls t100, Hero checks

Flop: (t600) A, 9, T (3 players)
SB checks, Hero bets t400, Button raises to t800, SB folds, Hero?

Opmerkingen:
Met een flushdraw op de bubble tegen twee tegenstanders is de beste keuze hier te checken. Na de raise van de button kost het je 400 chips voor een pot van ongeveer 1900. Dit geeft je pot odds van ongeveer 4.5:1. Je maakt je flush 1 op de 5 keer op de turn. Dit betekent dat je de juiste odds hebt om hier te callen.
Maar de bubble is ook de fase waarin je niet je stack moet riskeren in marginale situaties of door riskant spel. In dit soort situaties zou je in 80% van de gevallen een flink deel van je stack kunnen verliezen. Omdat je daardoor niet genoeg chips overhoudt voor een goede fold equity wanneer je in de volgende handen all-in zou willen pushen, is het hier de juiste play om te folden.

Conclusie

Samenvattend kunnen we zeggen:
Odds staat voor de verhouding onbruikbare kaarten : bruikbare kaarten
Pot odds staat voor de verhouding totale pot : bedrag om te callen

Een draw is winstgevend om te spelen zolang de pot odds goed genoeg zijn in vergelijking met de odds. Met andere woorden: je kunt op de lange termijn meer chips winnen wanneer je de draw hit, dan dat je verliest wanneer je de draw niet hit.

Er zijn echter andere factoren in toernooien. De belangrijkste vraag die je jezelf moet stellen is: Ook al krijg ik de goede odds, kan ik me het permitteren deze hoeveelheid chips op het spel te zetten?

Om op de lange termijn te winnen in het spel, is het belangrijk dat je de concepten van odds en pot odds begrijpt en je eigen maakt. Het is belangrijk om te weten wanneer je een draw kunt spelen en ook hoeveel je moet betten tegen spelers die op een draw zitten zodat je ze de incorrecte odds kunt geven. Neem tijd om over dit onderwerp na te denken en het te begrijpen, want het is een heel belangrijke stap voorwaarts in je spel en ook in je bankroll.