Hoe speel je na de flop?
Inleiding
In dit artikel
- Waarom je bet
- Waarom je niet bet
- Wanneer bluffen werkelijk loont
Nu komen we aan bij het hart van de bigstackstrategie: het spel na het delen van de flop. No-Limit Hold'em is een dynamisch, situatie-afhankelijk spel. Wat je wanneer doet is afhankelijk van veel factoren. Wat is er preflop (voor de flop) gebeurd? Hoe zien de communitycards eruit? Wie zijn mijn tegenstanders?
Om deze reden gaan we in de artikelen over het postflop-spel (spel na het delen van de flop) een andere weg. Deze artikelen vertellen je niet wat je moet doen, maar zullen je uitleggen waarom je iets doet.
Je leert de basisprincipes van het postflopspel kennen en zult zo mogelijk een dieper strategisch inzicht krijgen, dat je in staat stelt om zelfstandig de juiste beslissingen te treffen.
Na de lessen in deze tekst zou je in staat moeten zijn om in een spelsituatie zelfstandig de antwoorden te vinden op deze vragen: Wat wil ik bereiken? Hoe kan ik dat bereiken?
De aansluitende artikelen zullen deze kennis verfijnen, je de wiskunde van poker verduidelijken en je tonen hoe de sterkte van een board radicaal kan veranderen in verschillende uitgangsposities.
DOWNLOADS
Waarom bet je?
In No-Limit Hold’em wint de agressieve, denkende speler, die zijn agressiviteit gericht inzet. Iedere bet en elke raise dienen een bepaald doel.
Het eerste doel voor een bet is duidelijk: je hebt een sterke hand en wilt er geld voor in de pot krijgen. Je wilt dat spelers met slechtere kaarten de bet callen en verder in de hand blijven. Je inzet is in dit geval een bet voor value.
Dit logisch klinkende principe wordt vaak verkeerd begrepen. Laten we een klassieke fout nemen. Je bent bij de river en hebt een of andere niet zo sterke made hand en denkt bij jezelf: "die heeft niets". Je bet, de tegenstander gaat mee en laat je een hand zien die slechts een klein beetje beter is dan die van jou.
Heb je een hand die in staat is om een aantal showdowns te winnen en tevens de mogelijkheid om gratis de showdown te zien? Neem die kans dan. In pokerengels: Heb je showdownvalue, neem dan de gratis showdown wanneer dat mogelijk is.
Het gaat er niet om of jij gelooft dat je hand beter is dan die van je tegenstander. Het gaat om de vraag welke kaarten hij zal wegleggen na een bet van jou en met welke hij zou callen.
Laten we aannemen dat je tegenstander in 80% van de gevallen een slechtere hand heeft. Hij heeft 20% een betere hand. Normaal zou dan een bet dus lonen.
Bedenk je echter eens dat de tegenstander de 80% slechtere handen op jouw bet zou wegleggen en alleen zou callen met de betere 20%.
In dit geval brengt een bet dus geen extra winst, maar wel extra verliezen. Gaat je tegenstander namelijk wel mee, dan verlies je.
Het tweede doel is een bluf. Je wilt een tegenstander met betere kaarten, tot opgave dwingen en zo de pot binnenhalen.
De bluf die het meest wordt gebruikt op de lagere limieten, is de Dark Tunnel Bluff. Een speler vuurt uit alle lopen op de pot, zonder een plan voor de volgende inzetronde klaar te hebben of na te denken over de tegenstander. Hij bet en raiset en hoopt simpelweg dat de tegenstander uiteindelijk opgeeft.
Wanneer je een bluf overweegt, houd je dan aan deze vijf regels:
- Blaas de pot niet op met blufs.
- Zorg voor een "plan B" voor het geval dat de bluf niet werkt.
- Bluf alleen tegen spelers die kunnen opgeven.
- Bluf niet tegen meerdere spelers.
- Bluf alleen wanneer je echt iets kunt voorwenden en je tegenstander waarschijnlijk niets getroffen heeft.
Wanneer je op de river moet vaststellen dat je in de eerdere inzetrondes teveel geld verbrand hebt en je tegenstander in geen geval meer zal folden, dan is er iets verkeerd gegaan. Pomp geen potten op wanneer je slechts bluft.
Je hebt ook een rugdekking nodig, een plan B. Zoals ook wordt gezegd in de cultfilm "Rounders": als pokerspeler moet je steeds een achterdeur openhouden. Wanneer je hand op een of andere manier nog kan verbeteren is je situatie veel beter.
"Ik bet maar eens en zie wel wat er gebeurt" is geen plan. Bluf liever in kleine potten met weinig tegenstanders en geschikte communitycards. De kaarten moeten je aan de ene kant de kans geven om een goede hand te representeren en aan de andere kant zelden iets speelbaars hebben gegeven aan de tegenstander.
Drawheavy, sterk verbonden communitycards zijn de verkeerde flops voor een bluf. Een aas of koning met twee lage kaarten die niet bij elkaar passen, zijn de beste flops.
Je moet iets kunnen representeren waartegen de tegenstander zichzelf zo weinig kansen geeft om te winnen, dat de lust om verder te spelen hem vergaat. Een bluf is zinloos wanneer je tegenstander niet kan opgeven.
|
Je bent de BU
|
|
![]() |
|
Een klassiek voorbeeld van een "continuationbet" en een goede blufkans. Slechts weinig handen waarmee een tegenstander zou zijn meegegaan, zullen op deze flop iets speelbaars hebben getroffen. Bovendien kun je goed een top-pair azen representeren. Wanneer ze niet een van de drie azen hebben kunnen ze moeilijk verder spelen.
|
Je bent de BU
|
|
![]() |
|
De flopkaarten zijn behoorlijk drawheavy. Ze sluiten aan bij een heleboel mogelijke handen waarmee je tegenstanders preflop kunnen hebben gecalld. Bovendien kun je nauwelijks iets representeren. Bij heel voorzichtige tegenstanders kun je nog een keer betten, maar op deze flop zul je steeds problemen hebben om je tegenstanders tot folden te dwingen.
Een made hand is niet altijd meteen een monster. Vaak zie je jezelf met je hand nog voorliggen, maar weet je ook dat hij kwetsbaar is en dat je tegenstanders er alleen op loeren om een goede communitycard te hitten, om je daarmee de nek te breken.
Je tegenstanders kunnen je alleen nog inhalen door een goede communitycard te treffen op de turn of de river. Naarmate de kans dat ze iets treffen hoger is, zul je de hand sterker moeten beschermen.
Protection betekent dat je de volgende communitycard te duur maakt. Heeft je tegenstander dan een hand die je zou kunnen inhalen, dan moet hij een te hoge prijs betalen voor zijn poging.
Logisch is dan ook: Heb je een goede made hand maar zijn er veel draws mogelijk, dan bescherm je jouw hand en maak je de volgende communitycard duur.
Dit onderwerp heeft te maken met de wiskundige basis van Texas Hold’em. Deze zul je later leren kennen.
|
Je bent de BU
|
|
![]() |
|
De flop die we in het vorige voorbeeld nog te slecht voor een bluf noemden, is tegelijkertijd een flop waarop je veel made hands zult moeten beschermen. Er zijn verschillende draws mogelijk. Je tegenstanders kunnen een flushdraw, een OESD, een pair en een gutshot hebben. Maak de volgende communitycard dus duur.
Een vierde doel kan "informatie" zijn. Door te betten kun je uitvinden waar je staat en daarmee dure beslissingen in latere inzetrondes besparen.
Stel dat je met drie tegenstanders de flop ziet. Niemand heeft preflop geraised en de communitycards hebben je een middelmatige top-pair gegeven. Niemand heeft het initiatief, want er was preflop niemand die raisede. Jij bent aan de beurt en bet.
Met deze inzet bereik je drie dingen:
- Misschien gaat een slechtere hand mee en maak je winst.
- Handen die je zouden hebben kunnen inhalen geven misschien op. Je beschermt je hand.
- Wanneer iemand raiset kun je gemakkelijk folden en weet je dat je bent verslagen.
Zou je in deze situatie niet betten, dan zou je de hand niet beschermen. Je zou verzuimen om geld uit slechtere handen te trekken en niet in het laatst: je zou bij een bet van een andere speler niet weten waar je staat.
|
Je bent MP1
|
|
![]() |
|
In deze situatie is top-pair een goede, maar slechts middelsterke made hand. Vooral vanwege de vele draws zul je een bet vóór jou zondermeer moeten raisen. Je moet je kaarten beschermen en tegelijk een beter idee krijgen over de sterkte van de handen van je tegenstanders.
In de getoonde voorbeeldhand reraiset de speler in de big blind echter. Dat is voor jou een duidelijk teken dat je verslagen bent. Je foldt dus zonder twijfelen.
Waarom bet je niet?
Er zijn vele goede redenen om eens niet te betten of raisen. Bijvoorbeeld wanneer je niets op de hand hebt. Er zijn echter nog drie andere goede redenen, met de namen "potcontrol", "bluffinduce" en "slowplay".
Op de flop weet je ongeveer om wat voor pot je zou willen spelen. Heb je een monsterhand, dan wil je een grote pot spelen en liefst all-in komen. Heb je een zwakke hand, dan zie je het liefst geen grote inzetten en speel je liever om een kleine pot.
Er wordt wel gezegd: grote potten zijn er voor grote handen en kleine potten voor de kleine handen. Wanneer je niet werkelijk sterke kaarten hebt, dan is het doel van je tactiek om de pot niet teveel te laten uitdijen. Je wilt niet om iedere prijs all-in gaan met een top-pair. Met een middelmatig pair wil je weliswaar geen grote bets betalen, maar wel graag goedkoop naar de showdown gaan. Soms heb je namelijk wel de beste hand.
Dit noemen we potcontrol. Een voorbeeld van potcontrol is de volgende standaardmove: je raiset preflop en een tegenstander callt. Je hebt positie op hem (bent dus na hem aan de beurt, bijvoorbeeld wanneer hij de big blind is en jij in late positie zit). Op de flop heb je een top-pair. De tegenstander checkt, jij bet en hij callt. Op de turn verandert er niet veel. De tegenstander checkt weer en jij checkt ook. Op de river bet je tegenstander en jij callt.
|
Je bent de CO
|
|
![]() |
|
| |
|
Deze speelwijze is een optie wanneer er geen draws mogelijk zijn en je positie hebt. In het voorbeeld bieden de communitycards wel de mogelijkheid van een gutshotdraw. Je hoeft deze hand op deze turn niet te beschermen.
Wanneer je checkt gebeurt het volgende:
- Heeft je tegenstander een betere hand, dan geef je hem daarvoor minder geld. Je houdt de pot klein.
- Heeft je tegenstander een slechtere hand, misschien een gutshot, een beter pair azen, een pair achten of een ander pair, dan zal hij deze misschien wegleggen na jouw bet. Check je, dan geef je een signaal van zwakte af en zal hij misschien op de river nog iets inzetten als een bluf, of omdat hij denkt de beste hand te hebben. Bet hij niet, dan is er nog de kans dat hij een inzet van jou zal callen.
Potcontrol is in positie altijd gemakkelijker dan wanneer je geen positie op je tegenstander hebt. Dit is de reden waarom je altijd in positie wilt spelen. Het geeft een natuurlijke tegenpool voor protection. Denk hier aan: protection houdt in dat je een kwetsbare hand beschermt, door de tegenstander een te hoge prijs te laten betalen voor de volgende communitycard.
Nu komt het vaak voor dat je een hand hebt die je wel graag naar de showdown zou brengen, maar niet tot iedere prijs, en die aan de andere kant kwetsbaar is, vooral wanneer veel draws mogelijk zijn.
Het is een constant overwegen. In de strategieartikelen van de bronze-sectie en hoger, zullen we dit thema nauwkeuriger onder de loep nemen. Nu geven we enkel twee standaardmoves over actieve potcontrol.
Deze speelwijze ken je al. Je speelt hem meestal met pairs bij niet-drawheavy communitycards. Meestal heb je preflop ook geraised en ben je op de flop de agressor.
Hoe groter de kans is dat een tegenstander een draw zou kunnen hebben, des te eerder bet je op de turn nogmaals. Heb je meer het idee dat hij geen hand heeft die gemakkelijk verbetert, of juist een val zet met een heel sterke hand, dan check je liever op de turn en call je alleen een bet op de river na een ongevaarlijke rivercard.
Deze speelwijze komt oorspronkelijk uit het Fixed-Limit. In plaats van op de turn te checken en op de river simpel te callen of zelf te betten, bet je op de turn en check je op de river, met als bedoeling om een gratis showdown te zien.
De turn is de laatste gelegenheid om nog geld te trekken uit een draw van een tegenstander en vaak weet je zelfs sterkere handen nog tot folden te brengen. Dit is een groot voordeel. Wanneer je op de turn checkt doe je dat om de tegenstander een kans te geven om op de river te bluffen. Vaak wil je dat echter niet.
Wanneer je tegenstander ook best een draw zou kunnen hebben op de turn, dan kun je beter betten en dan checken op de river.
|
Je bent de CO
|
|
![]() |
|
| |
|
Betten is vooral zinvol wanneer tegenstanders positie op je hebben, of wanneer je geen gratis rivercard wil geven. In dit voorbeeld komt weliswaar een flushdraw aan, maar dat zegt nog niet dat de tegenstander die ook heeft getroffen. Vanaf nu geeft echter wel iedere hartenkaart hem een flushdraw.
Je zult dus moeten betten om je eigen hand daartegen te beschermen. Je hebt er ook weinig trek in dat de tegenstander gaat bluffen, want bij deze kaarten wil je niet degene zijn die alleen callt en dan moet raden.
Raiset de tegenstander dan, dan weet je dat je verslagen bent en moet je folden. Dezelfde manier van spelen zou je ook kiezen wanneer de flush niet was aangekomen, maar er bijvoorbeeld een klaveren tien op de turn was gekomen. Wanneer de tegenstander dan raiset kun je eveneens beter opgeven.
Steeds wanneer je een preflopraise maakt, daarbij callers krijgt en je als agressor de volgende inzetronde ingaat, heb je de mogelijkheid om een zogenaamde "continuationbet" te plaatsen. Als gevolg van je preflopraise kun je een sterkere hand voorwenden dan je werkelijk hebt. Bet je dan op de flop en heb je eigenlijk slechts een bluf, dan zal die hier vaker functioneren.
Het is niet altijd slim om meteen na je preflopraise op de flop een continuationbet te zetten. Heb je zelf nog kans om je hand te verbeteren en weet je dat je tegenstander niet graag weglegt of misschien werkelijk iets kan hebben getroffen, dan bet je niet op de flop. Heb je een hand die ook een showdown zou kunnen winnen, dan bet je liever op een onschadelijke turnkaart of na verbetering van je hand.
Je kunt als agressor met een continuationbet veel potten aanvallen, maar niet iedere pot.
|
|
|
Zoals je kunt zien is het belangrijk bij een goede flop voor een contibet, dat hij maar weinig mogelijkheden geeft. Hij biedt weinig draws en bijna geen kansen voor sterke made-hands. Op een goede flop kun je voordoen dat je een sterke hand hebt, terwijl je tegenstander maar zelden een hand heeft die je bluf kan busten, zelfs wanneer hij van je bluf overtuigd is.
|
|
|
Alle drie de voorbeelden hebben het bovenschrift: "Heel drawheavy". Wanneer dit het geval is, kun je eigenlijk alleen een continuationbet plaatsen wanneer je nog maar één tegenstander hebt.
|
Je bent in MP2
|
|
![]() |
|
Op deze flop kun je beter opgeven. Wanneer de beide tegenstanders niet extreem tight zijn loont hier een continuationbet totaal niet. Heel veel handen hebben hier iets getroffen en je kunt nauwelijks iets representeren. De kans dat beide spelers hier opgeven slinkt op de flop dus dramatisch.
Komt op de river een aas of een koning, liefst niet van schoppen, dan kun je altijd nog betten.
|
Je bent in MP2
|
|
![]() |
|
Dit is een grensgeval. Weet je van een van de tegenstanders dat hij loose kan zijn, dan moet je hier opgeven. Weet je dat niet, of geloof je dat ze beiden tight zijn, dan kun je ook betten. De flop ziet er goed uit en je hebt nog een aantal outs voor een goede top-pair met de aas en de koning.
Je kent al de speelwijze: bet op de flop, check op de turn en call een bet van je tegenstander op de river. Je leerde hem kennen als middel voor potcontrol, maar het is ook een manier om een bluf van een tegenstander uit te lokken.
Door op de turn te checken representeer je een zwakke hand. Je tegenstander zou goed kunnen geloven dat je bet op de flop slechts een normale continuationbet was en dat je nu die bluf opgeeft. Juist deze speelwijze verlokt niet alle, maar wel veel spelers tot een blufpoging op de river. Ze denken dan: "die heeft niets".
Hand in hand met deze "bluffinduce" gaat het thema "slowplay". Iedere keer dat je een zwakkere hand voorgeeft dan je werkelijk hebt, is dat een slowplay. Je speelt de kaarten "langzaam".
Wanneer je doet alsof je een zwakkere hand hebt, zet je de tegenstander ertoe aan om een zwakkere hand te overspelen, of misschien in ieder geval iets speelbaars te treffen. Stel dat je bijvoorbeeld een full house treft op de flop. Er zijn niet veel kaarten die je tegenstander nu nog zou verderspelen. Door zelf af te zien van een bet, geef je hem de kans om op de turn nog iets bruikbaars te treffen, of al meteen op de flop een stommiteit te begaan.
Slowplay is een move die met de grootste voorzichtigheid moet worden uitgevoerd. Je kunt hem alleen overwegen wanneer je de hand niet hoeft te beschermen of dat niet kan. Je geeft de tegenstander een goedkope blik op de volgende communitycard. Het is niet meer dan logisch dat je dit alleen kunt doen wanneer het je bijna niets kan schelen wat er nu komt.
Slowplay niet tegen veel tegenstanders, bij drawheavy communitycards, of bij passieve tegenstanders. Je doet het alleen wanneer je er zeker van bent dat je tegenstander de uitdaging om zijn hand te overspelen zal aannemen.
Over het algemeen gezien is slowplay het slechtere alternatief. Er geldt op de lagere limieten namelijk een regel die je niet mag vergeten: De tegenstander zal eerder een bet callen, dan zelf betten. De reden daarvoor is al eerder genoemd: de speler op de lage limieten is over het algemeen te loose en passief.
|
Je bent de BU
|
|
![]() |
|
Een goed voorbeeld van een situatie waarin een slowplay zin heeft. Het ziet er ongevaarlijk uit en er ligt een aas. Je hoeft je hand niet te verdedigen en kunt de bet op de flop eventueel ook eerst gewoon callen, wanneer je van mening bent dat je daarmee op de lange duur meer verdient dan met een directe raise.
|
Jij bent de BU
|
|
![]() |
|
In dit voorbeeld heb je weliswaar met de flush een sterke hand getroffen, maar iedere hogere schoppen heeft een draw naar een betere flush. Met een flush moet je op de flop meteen gas geven en proberen zo snel mogelijk het geld in het midden te krijgen.
Alles samenvoegen…
Je spelbeslissingen na de flop moeten een soort balans proberen te bewerkstelligen tussen:
- je natuurlijke streven naar optimale winst in iedere situatie waarin je voor ligt,
- het streven naar controle over de pot, om daarmee de prijs voor je zwakkere handen binnen aanvaardbare normen te houden,
- en het streven om de volgende communitycard duur te maken wanneer je hand kwetsbaar is
| Value | ||
![]() |
||
| Protection | Potcontrol |
Hoe zwakker je hand is, des te belangrijker wordt potcontrol. Hoe sterker je hand is, des te belangrijker wordt winstmaximalisatie. Hoe kwetsbaarder je hand is, des te belangrijker wordt protection.
Het spel met made hands is relatief simpel. Heb je de beste hand, dan bet of raise je. Naarmate je hand zwakker wordt moet je meer op potcontrole gaan letten, de pot klein houden en bij teveel actie of tegenstand opgeven.
Je hand moet sterker zijn naarmate je meer tegenstanders hebt. Was er geen preflop raise, of heb je een raise gecalld, dan zul je echt goede kaarten moeten hebben om meer actie te maken.
Slowplay alleen met zeer sterke kaarten. Hoe meer drawheavy de communitycards zijn, des te meer moet je letten op protection en laat je de tegenstander niet op een gunstige manier de volgende communitycard zien.
Probeer steeds een balans te houden tussen potcontrol en protection. Je hoeft een marginale hand niet te beschermen, daar hij sowieso hoogstwaarschijnlijk al achter ligt.
|
Je bent in MP3
|
|
![]() |
|
| |
|
Je inzet op de flop is standaard. Nadat beide spelers op de turn checken, zou je nog eenmaal moeten betten. Er kunnen nog flushdraws zijn, die alleen callen. Ook slechtere made hands kunnen nog een reden vinden om in de hand te blijven. Bovendien verkrijg jij het inititatief. Wanneer je checkt heb je geen controle meer en weer je ook niet waar je staat.
Dan komt echter de raise van de big blind. Deze move op de turn tegen meerdere tegenstanders demonstreert erg veel kracht. Hij zal vaak een flush hebben. Daartegen ziet jouw two pair er natuurlijk niet meer zo goed uit. Het is nu een goede beslissing om alsnog te folden.
|
Je bent in MP2
|
|
![]() |
|
| |
|
Bij deze turncard is de beste speelwijze: betten en dan op een raise folden. Je tegenstander zal zelden met een slechtere hand dan de jouwe raisen. Je kunt echter ook niet checken, want zelfs een hand als 2

Callt de tegenstander alleen je bet, dan geef je op de river meteen op, of maak je een kleine bet en geef je op na een eventuele raise.
|
Je bent de BU
|
|
![]() |
|
In dit voorbeeld kun je het beste raisen. In de communitycards ligt een aantal draws en ook een waarschijnlijke aas heeft hier nog een gutshot. Komt op de turn een hogere kaart dan je 9, zoals bijvoorbeeld een koning of een vrouw, dan voel je jezelf ook niet meer zo lekker met je kaarten.
In dit soort situaties is het altijd beter om zelf meteen te raisen. Wanneer je tegenstander je raiset weet je meteen dat je bent verslagen. Callt hij alleen, dan kun je na de turn opnieuw kiezen.
Voor een perfect spel met draws heb je een beetje inzicht nodig in de wiskundige concepten "odds & outs". Deze zul je later nog leren kennen.
Over het algemeen kun je stellen dat je draws in ronden waarin preflop niemand heeft geraised, bijna altijd passief speelt. Met sterke draws als flushdraws en OESD kun je eventueel middelmatige flopbets callen. Zwakkere draws zoals een gutshot, geef je dan meestal meteen op.
Jaag nooit achter draws aan! Heb je op de turn een flushdraw, dan haal je in nog geen 20% van de situaties je flush op de river. Je verbrandt dus geld wanneer je toch grote inzetten callt.
Heb je preflop geraised, dan kun je met veel draws ook op de flop nog agressief doorspelen wanneer je maar één of twee tegenstanders hebt. Je maakt met een sterke draw bijvoorbeeld bijna altijd een continuationbet op de flop.
Speel je agressief met een draw, dan is dat echter nog steeds een bluf. Je noemt het dan een "semi-bluf". Je kunt namelijk nog winnen wanneer de bluf mislukt, door je hand te verbeteren.
Toch geldt ook voor het agressieve spel met draws, dat het alleen zinvol is wanneer je tegenstanders in staat zijn om weg te leggen. Tegen veel spelers, of spelers die uit principe met iedere bet meegaan, kun je niet bluffen en dus je draws ook niet agressief spelen.
|
Je bent de SB
|
|
![]() |
|
| |
|
Hier heb je op grond van de vele spelers slechts gekozen voor een passieve speelwijze. Zowel jij als de MP1 hebben nog genoeg geld om te callen. Op de turn tref je de draw. Nu moet je zelf actief worden. Zou je hier checken, dan zouden je tegenstanders hier zelf -uit angst voor een flush- slechts zelden iets inzetten. Juist op de lagere limieten gaan ze dan echter vaak nog wel mee met een bet. Dit onder andere omdat je inzet dan snel wordt aangezien als een bluf.
|
Je bent de CO
|
|
![]() |
|
In dit voorbeeld heb je een sterke flushdraw en ook nog overcards (K en J) die je draw nog wat beter maken. Normaal zou je tegen vier tegenstanders een bluf nalaten. Je zult ze zelden allemaal tot folden kunnen dwingen.
In deze speciale situatie kun je echter toch betten. De grootste reden daarvoor ligt in je positie. Alle tegenstanders moeten vóór jou reageren. Daar komt bij dat er veel kaarten zijn die je op de turn of river verder kunnen helpen. Callt iemand je inzet, dan zul je vaak alsnog regelmatig een goede kaart treffen en de hand in je voordeel kunnen beslissen.
Samenvatting
Dit artikel heeft je een overzicht gegeven van de belangrijkste concepten voor het spel na de flop. Dit kan natuurlijk niet de hele materie afdekken. Daarom zijn er nog vervolgartikelen.
Wat je nu zou moeten meenemen, is het samenspel tussen potcontrol en protection. Je wilt met een middelsterke hand niet spelen om grote potten. Aan de andere kant wil je de tegenstanders ook geen goedkope extra kaarten geven, waarmee ze je zouden kunnen inhalen.
Ook zou je nu moeten begrijpen dat een inzet alleen winst geeft wanneer hij je hand beschermt tegen draws of wanneer slechtere handen je callen. Kun je op de river gratis naar de showdown gaan en je hand is niet een aanzet tot opgetogen gejuich, dan kun je beter de gelegenheid goed gebruiken.
Over het algemeen gelden ook op de flop, turn en river dezelfde regels als voor het preflopspel:
- Je speelt tight en bent in staat om de marginale situaties uit de weg te gaan.
- Je speelt agressief en geeft het spel actief vorm in plaats van steeds alleen bets te callen.
- Je speelt position en let al preflop op kansen om positie te krijgen op je tegenstanders.
In de volgende artikelen zullen we verder in detail treden en onder andere voor speciale spelsituaties onderzoeken wat de beste speelwijze is met welke handen. Het eerste artikel uit deze serie bekijkt de wiskunde van het pokeren. Dit is vooral bij het spelen van draws erg belangrijk.
Ga naar het artikel BSS: De Wiskunde van het Pokeren - Odds en Outs







