Bijgewerkt op 06 jul 26 door

Suited connectors deel 1 - theorie

» COLUMN

Suited connectors deel 1 - theorie

Door: MiiWiin

Suited connectors zijn mooie starthanden, die in het verloop van het spel echter een aantal problemen kunnen veroorzaken. In het eerste deel van deze driedelige serie willen we bekijken waar de voor- en nadelen van suited connectors liggen en waarom we ze eigenlijk moeten spelen. We maken een vergelijking met de variant Fixed Limit en zullen dan analyseren welke soorten draws we eigenlijk kunnen opdelven met suited connectors.

De vraag hoe we suited connectors preflop en postflop praktisch spelen, wordt in het komende tweede deel van de serie behandeld.

Wat zijn goede suited connectors?

Suited connectors kunnen we in principe definiëren als een draw. Deze hand moet op de flop altijd duidelijk verbeteren om speelbaar te zijn of showdownvalue te hebben. Maar zelfs wanneer we treffen, hebben we meestal nog slechts een (deels heel sterke) draw op de flop.

De 'sterke' suited connectors beginnen bij 54s. Deze hand leeft van twee mogelijkheden om draws op te kunnen pakken. Ten eerste natuurlijk de flushdraw en verder de straightdraw. Om de maximale kans te hebben op een mogelijke straight (of een open-ended straightdraw), moeten we steeds de mogelijkheid hebben om drie kaarten aan de boven- of onderkant te kunnen aanleggen. Met 54s is dat het geval (flop: A23). Naar boven toe is dan ook JTs de sterkste draw. Bij een hand als QJs hebben we niet meer de maximale kans om een goede straightdraw op te pakken of de straight direct te treffen. Daarom komen we hier al in het gebied van de highcardvalues. Om die reden is QJs niet veel zwakker in te schalen. Naar beneden toe is die grens echter duidelijker, daar bij 43s- de kansen op een treffer beduidend omlaag gaan en ook een mogelijke flush(draw) altijd zwakker wordt.

Daar we ons echter niet met broadwayhanden willen bezighouden, kijken we in eerste instantie naar de range 54s-JTs.

De sterkte van suited connectors

De grootste kracht van suited connectors ligt voor de hand. We kunnen op de flop een aantal draws oppikken en hebben bovendien de mogelijkheid om op verschillende manieren (flush, straight, (two-)pair…) een combidraw te krijgen, die ons de mogelijkheid geeft om onze draw op de flop zo agressief te spelen, waardoor we zondermeer bereid moeten zijn om daarmee all-in te gaan.

Onafhankelijk van onze hand is het meestal onze opzet, een behoorlijk agressief spel te bieden. Daarom hebben we met suited connectors vaak ook het initiatief en moeten we preflop daarmee hebben geraiset of zelfs ge-3-bet. Zien we de preflopraise als een soort steal, dan is het natuurlijk heel prettig wanneer we veel mogelijke treffers achter de hand zouden kunnen hebben en Villain zelden een dergelijke hand verwacht van ons. Treffen we dus met 54s onze straight, dan zullen we heel vaak worden uitbetaald, daar er niet veel tegenspelers verwachten dat ook 54s in een openraiserange uit early of middle position kan zitten.

Naast de basisvoordelen van een steal (foldequity preflop + op de flop) hebben we dus de mogelijkheid om heel goed te treffen en Villain te stacken. Bovendien helpt een agressief spel met suited connectors ons onze deception te verbeteren. We kunnen daarmee altijd moeilijker op een range worden gezet en worden daardoor met sterke handen vaker uitbetaald.

Wat ons daarbij maar zelden overkomt, is het gevaar van dominantie. Natuurlijk komt het af en toe voor dat je met een flush van een hogere flush verliest. Wanneer dit gebeurt, moet je de schouders rechten en doorgaan. Zulke goede reads op je tegenstander dat je hem op een betere flush kunt zetten, heb je zelden. Je moet altijd voor ogen houden dat er ook veel zwakkere handen zijn, die je op een mogelijke-flush-board uitbetalen.

Laten we dit geval dus buiten beschouwing, dan hebben we met suited connectors een echt goede speelbaarheid en kunnen we op verschillende flops, tegen verschillende tegenstanders, specifiek handelen. Een hand als KTo of A9o daarentegen, heeft daar heel andere problemen, omdat hij potentieel wordt gedomineerd. Treffen we daarmee een A- of K-hoge flop, dan staan we meestal voor grote problemen en moeten we vaak onze hand opgeven. Op basis van dit feit kun je preflop beter suited connectors (agressief) spelen, dan zulke potentieel gedomineerde handen, waarbij het moeilijk voor te stellen is dat een zwakkere hand ons uitbetaalt.

De zwaktes van suited connectors

Naast de vele voordelen zijn er natuurlijk ook een aantal nadelen.

In tegenstelling tot bij een pocketpair, treffen we met suited connectors verhoudingsgewijs minder. We willen niet wiskundig worden, maar een flushdraw zie je ongeveer net zo vaak als een set met een pocketpair. Natuurlijk komen daar dan nog de straightdrawkans bij, naast natuurlijk de standaardmogelijkheden zoals two pair of trips, maar die laatste hebben we ook met any two. Het probleem is dat we daarmee niet werkelijk 'getroffen' hebben, maar slechts een draw hebben opgepakt. Kunnen we bij een treffer met een pocketpair meestal zondermeer op de flop broke gaan, zo kunnen we met een 8-/ of 9-outer op de flop, grof inschatten dat hij in een op de drie gevallen tot aan de river zal completen.

Daardoor kom je natuurlijk op een volgend probleem. Met sterke made hands hebben we duidelijke lines voor ons postflopspel. We willen value krijgen en moeten in de meeste gevallen beschermen. Straightforward spelen is hier zelden een fout, daar we meestal ook bereid zijn om all-in te gaan. Met een sterke draw daarentegen, hebben we op de flop geen showdownvalue. Onze bets of raises gaan eerder in de richting van de semi-bluf. Ze zijn op den duur dus alleen succesvol en winstgevend wanneer Villain ook vaker op onze agressie foldt. Juist dit maakt het zinvol om draws net zo straightforward te spelen als de made hands en dus zo veel mogelijk foldequity mee te nemen.

Wat bij een draw een van de grootste problemen geeft, is de turnplay. Op de flop kunnen we vaak zoals altijd spelen, daar we ook gedeeltelijk als pure bluf contibetten en uiteindelijk een hoge foldequity hebben. Op de river is de hand gemaakt. Hier is het meestal alleen de vraag of we een valuebet hebben, moeten bluffen, of de hand gewoon moeten opgeven.

Op de turn staan we met een draw meestal echter voor grotere problemen, daar er in tegenstelling tot de flop, nog maar één kaart komt en we er niet meer van uit kunnen gaan dat we in een op de drie gevallen treffen, maar in nog maar een op de vijf. Spelen we passief, dan hebben we extreem goede odds nodig, of moeten we onszelf hoge implied odds geven. Spelen we agressief, dan hebben we voor een second barrel behoorlijk veel foldequity nodig. Het wordt pas echt irritant wanneer onze second barrel met een 9-outer, wordt geraiset. Ondanks de sterkte van onze draw zijn we dan meestal gedwongen om op te geven.

Het verschil tussen FL en NL

Om de betekenis van suited connectors nog een keer te verduidelijken, kijken we naar de verschillende beoordeling van deze handen in Fixed Limit en No-Limit.

Bij Fixed Limit is het belangrijk om een hoge equity te hebben, dus gemiddeld een sterkere hand dan de tegenstander te hebben. De hierboven al vermelde handen zoals KTo of A9o zijn daarom bij Fixed Limit als beter te zien, daar je hier bij een treffer de showdown wilt bereiken. Bovendien wordt op grond van de goede odds, beduidend vaker met slechtere handen gecalld, zodat je gedeeltelijk met deze handen werkelijk ver voor ligt en niet al te vaak in gedomineerde situaties kunt terechtkomen. Bovendien kun je deze handen volgens het principe 'way ahead/way behind' gunstig naar de showdown leiden, daar je kleine reverse implied odds hebt.

Naast de ontbrekende reverse implied odds, heb je in Fixed Limit logischerwijs echter ook erg weinig implied odds, daar je in het verloop van de streets niet zoveel extra geld kunt verwachten als bij het No-Limit-spel. We hebben al besproken dat suited connectors maar zelden treffen, dus zijn deze handen bij Fixed Limit eerder probleemhanden.

Bij No-Limit hebben we daarentegen enorme implied odds (en natuurlijk ook reverse implied odds). Op grond van de implied odds kunnen we de suited connectors duidelijk beter spelen en we hebben door de reverse implied odds, behoorlijke problemen met handen als KTo, daar een calldown daarmee bij No-Limit maar zelden in aanmerking komt.

Een extra verschil ligt er bij het postflop-spel. Spelen we een draw eerder passief volgens odds & outs, dan kun je bij Fixed Limit meestal zonder problemen flop en turn callen omdat je de hierboven vermelden odds van 2 tegen 1 op de flop, of 4 tegen 1 op de turn, meestal krijgt. Bij No-Limit daarentegen, kunnen we op de turn geen heel grote bet callen, omdat we daar bijna nooit pot-odds van 4 tegen 1 of zelfs beter krijgen aangeboden.

Vooral dit feit laat nog eens twee belangrijke punten zien:

  • Spelen we een draw passief, dan krijgen we bij No-Limit op grond van de odds, meestal problemen op de turn. Het loont dus om agressief te spelen.
  • We hebben bij een passieve speelwijze gedeeltelijk behoorlijke implied odds nodig. Deze thematiek moet je dus bekend zijn, net zoals de mogelijkheid om je tegenstander in te schatten, of je deze winsten ook werkelijk nog kunt verwachten. Daarbij is niet slechts de tegenstander belangrijk, maar ook de boardtextuur en natuurlijk de (relatieve) positie.

Wat kunnen we treffen?

Theoretisch zijn er drie mogelijkheden:

We treffen helemaal niets

Mochten we met een suited connector de flop compleet missen, dan hebben we ook op de latere streets nauwelijks nog iets te verwachten. Een backdoordraw kunnen we op één out zetten, dus die helpt ons bijna nooit verder. Hier leven we in het verdere spel, enkel en alleen van de foldequity.

We treffen een made hand

Wanneer we werkelijk 'treffen' hebben we een sterke made hand op de flop. Of dat nu een made flush is, een made straight, trips of two pair, is onbelangrijk. Hier gelden de normale lines waarmee we willen beschermen en natuurlijk value moeten krijgen.

We treffen een draw

Dit gebeurt vrij vaak en juist om deze reden spelen we onze suited connectors. Toch is niet iedere draw meteen een goede draw. Er zijn goede draws en er zijn gevaarlijke draws. We zullen dus nu bekijken wat voor verschillende draws we kunnen treffen en hoe we deze kunnen waarderen.

De “eenvoudige” draw

Als een eenvoudige draw betitelen we een 8- of 9-outer.

Voorbeeld:

Hero: 6 7
Flop: 2 3 J

Deze draw bestaat óf uit een flushdraw (negen outs), óf uit een straightdraw (acht outs). Zoals gezegd, staan de odds op de flop twee tegen één dat onze draw tot aan de river (dus bij twee komende kaarten) aankomt.

De combidraw

Met een combidraw duiden we onder andere het tegelijkertijd hebben van meerdere draws aan.

Voorbeeld:

Hero: 6 7
Flop: 4 5 J

Bij deze draw hebben we de flushdraw én de straightdraw en hebben we dus vijftien outs te boeken. Laten we eens opnieuw kijken naar de odds bij nog twee komende kaarten. We komen zo ruwweg op 1:1. In duidelijke taal betekent dit, dat we met een dergelijke draw op de flop all-in kunnen gaan. Zolang we zelf pushen hebben we nog de foldequity aan onze zijde. Toch zijn we ook in de gelegenheid om een all-in zondermeer te callen.

De'hidden' draw

Een verborgen draw, is een draw die, naast een duidelijke straight- of flushkans, nog verdere outs heeft naar een duidelijk verbetering van onze hand. Uiteindelijk is ook dit een combidraw.

Voorbeeld:

Hero: 6 7
Flop: 2 6 J

In eerste instantie letten we hier natuurlijk op onze flushdraw. Ons middlepair lijkt niet bijzonder veel waard te zijn, maar in een geraisete pot kunnen we onszelf hier heel vaak de extra outs op trips (twee outs voor de zes) en op two pair (drie outs op de zeven) geven. Deze outs zijn zelden gedomineerd, het gaat hier als het ware om live-cards. Deze vijf outs kunnen we meestal aan onze flush-outs toevoegen, en zo komen we dus op veertien outs (hadden we een straightdraw, dan kwamen we op dertien outs). Deze handen kunnen we daarom net zo spelen als bij een normale combidraw. Ook hier is een flop-all-in meestal een winstgevende zaak.

De 'lelijke' draw

Een 'lelijke' draw geeft ons, zoals je wel kunt bedenken, niet veel zuivere outs, of laat ons slechts naar de op één na beste hand drawen.

Voorbeeld:

Hero: 6 7
Flop: 8 9 2

Ook hier hebben we een 8-outer om te laten zien, maar de beide -outs zijn al niet clean. Wanneer we een van deze kaarten op de turn treffen, kunnen we drawing dead zijn tegen een flush. Hetzelfde geldt voor een tien. Hier zouden we ook nog het probleem hebben dat we hard moeten beschermen. Villain zou, zelfs wanneer we voor liggen, een redraw kunnen hebben opgepikt.

» SAMENVATTING

We hebben vandaag bekeken hoe we onze suited connectors moeten inschatten. Het is belangrijk om de kracht en zwaktes te kennen, zodat je weet hoe je ermee om moet gaan tegen verschillende tegenstanders. Bovendien hebben we ons bezig gehouden met de verschillende soorten draws. Of je een bijna pure 15-outer hebt, of een eventueel naar de op één na beste hand uitgroeiende 6-outer, maakt vanzelfsprekend een reusachtige verschil.

In het volgende deel van deze serie zullen we wat praktischer te werk gaan en dan ook vaker bekijken hoe we preflop en postflop, de besproken gedachten kunnen toepassen.