Elementen van handreading
|
| » COLUMN |
Elementen van handreading
Door: firsttsunami
Poker is een spel met onvolledige informatie. Bij veel pokervarianten heb je meer informatie (bijvoorbeeld bij de studvarianten) en bij veel andere minder.
Hold'em behoort tot de varianten waarbij je in vergelijking weinig informatie hebt. Juist deze sluier zorgt echter voor de ongelooflijke spanning bij het spelen aan de pokertafel. De nieuwsgierigheid van de mens om het onontdekte te ontdekken en oplossingen te vinden van raadsels, kan zich aan tafel onbeperkt ontvouwen.
Met 'onvolledige informatie' wordt in feite de informatie over de handkaarten van de tegenstander bedoeld. De communitycards zien we weliswaar ook niet preflop, maar de handkaarten van de tegensstander zijn eigenlijk continu onbekend. Wanneer we de kaarten van de tegenstander zouden kennen, zouden we zonder fouten kunnen spelen. We zouden alleen naar de showdown gaan wanneer we de betere hand hebben en kunnen altijd correcte folds maken wanneer de tegenstander de betere hand heeft.
Het zou natuurlijk helemaal mooi zijn wanneer er een programma was dat de kaarten van de tegenstander zichtbaar maakt. Daar zoiets echter niet mogelijk is en het spel ook zijn aantrekkingskracht zou verliezen, moeten we via andere wegen uitsluitsel over de hand van de tegenstander verkrijgen.
De verhouding tussen andere variabelen zoals positie, boardstructuur en betgedrag (betreeks) maken conclusies mogelijk over welke handen mogelijk zijn bij de tegenstander (handrange). Alleen zo kunnen we op systematische manier informatie over hand van de tegenstander verkrijgen.
Hoe meer communitycards open gaan en tegenstanders moves hebben gemaakt, des te kleiner is het tekort aan informatie en des te preciezer kunnen we de tegenstander op een handrange zetten. Dit winnen van informatie noemen we ook wel 'handreading'.
We moeten proberen om de tegenstander en zijn hand te lezen en zo een informatievoordeel te pakken. Het leidt ons tot betere beslissingen om ons in een winstgevendere situatie te brengen. Het is namelijk ons doel om zoveel mogelijk beslissingen met een positieve verwachtingswaarde te nemen. De elementen die belangrijk zijn om handreading toe te passen, beter gezegd: 'een handrange voor de tegenstander vast te stellen', en de systematische aanpak, worden in deze column ter sprake gebracht.
| ALGEMEEN |
De systematische aanpak is eigenlijk meer dan logisch en niet moeilijk te begrijpen. Ons uitgangspunt ligt preflop. Hier krijgen we, door het gedrag van de tegenstander, de eerste informatie.
Het is normaal dat de tegenstander óf foldt of raiset. Aan de hand van de positie van de tegenstander, zijn stats en door middel van een chart, bijvoorbeeld de openraisechart, kunnen we de eerste uitspraak doen over de handrange van de tegenstander.
De laatste informatie krijgen we met de laatste kaart op de river en door het gedrag van de tegenstander. Hier nemen we ook de laatste beslissing. Zien we de showdown of niet? In het verloop van de hand, van preflop-spel tot de showdown, moeten we steeds opnieuw de noodzakelijke variabelen relativeren (die gedeeltelijk van elkaar afhankelijk zijn) om het gat in de informatie grotendeels te dichten.
| DE BELANGRIJKE VARIABELEN |
Er zijn bij poker meerdere variabelen. Het is de kunst en moeilijkheid, deze in verhouding tot elkaar te brengen en daaruit een conclusie te trekken. Je kunt ze niet geïsoleerd bekijken en optellen, maar moet ze allemaal meenemen.
1) De eigen hand(range), bijvoorbeeld A
9
![]()
2) De eigen positie
3) De boardstructuur/het board (drawheavy, connected, verhouding highcards/lowcards)
4) De positie van de tegenstander
5) Het concrete inzetgedrag van de tegenstander in een hand
6) Algemeen inzetpatroon (betreeks) van de tegenstander
7) Geschiedenis (eerder gespeelde handen tegen een of meerdere tegenstanders en de daaruit verkregen reads bij elkaar)
8) Handrange van de tegenstander, preflop gemeten via zijn stats
BELANGRIJKE BASIS: De range van de tegenstander is van doorslaggevend belang voor onze equity. Deze dicteert ons weer of een beslissing een positieve of een negatieve verwachtingswaarde heeft. Zoals in de inleiding al vermeld, willen we natuurlijk slechts beslissingen nemen met een positieve verwachtingswaarde.
| RANGEREDUCTIE |
Het doel van handreading is dus niet het exact op een hand zetten van de tegenstander. Veel meer moet je range aan mogelijke handen verkleinen tot een zo overzichtelijk mogelijke maatstaf, door het relatieve gedrag van de elementaire variabelen onder elkaar in het verloop van de hand.
| AANNAMES MAKEN DOOR READS |
Om de tegenstander op een range te kunnen zetten moeten we inschattingen maken via de relaties tussen de variabelen. Dit betekent concreet: Hoe speelt de tegenstander de handen in welke situatie?
Aannames kunnen weer door bepaalde reads op de tegenstander worden gemaakt. Aannames door reads baseren zich natuurlijk ook heel duidelijk op de rationeel-theoretische concepten die je jezelf toeëigent bij het langzaam maar zeker doorwerken van alle beschikbare artikelen.
Wanneer er helemaal geen informatie over de tegenstander aanwezig is, moet je jezelf voorstellen dat je tegen jezelf speelt en jezelf op basis van de concepten afvragen welk gedrag in deze speciale situaties logisch is.
Het is natuurlijk gemakkelijker wanneer er een read aanwezig is, die ons wat zegt over de tendensen van de tegenstander. Tegen een redelijke TAG kunnen we natuurlijk veel betere inschattingen maken, daar we ervan uit kunnen gaan dat hij grotendeels overwogen beslissingen neemt en bijvoorbeeld op de river geen pure bluf tegen twee mensen doorzet. Het is dus heel nuttig om een read te krijgen wanneer we ons in de tegenstander verdiepen en ons afvragen hoe we in deze situatie zouden handelen.
Voorbeeld
5.00/10.00 Fixed-Limit Hold'em (6 handed)
Preflop: Hero is SB with A
MP2 raises, 3 folds, Hero 3-bets, BB folds, MP2 calls.
Flop: (7.00 SB) 3


Hero bets, MP2 raises.
Final Pot: 5.00 BB
De tegenstander is een redelijke TAG, met de stats 22/18/2.4/36. Hij raiset vanaf UTG, na onze 3-bet vanaf de SB, een 332-flop in position. Door eliminatie en op grond van variabele 4 in combinatie met 8, kunnen we definitief zeggen dat hij geen 3 kan hebben. Bij de UTG past geen aannemelijke handcombinatie die een 3 bevat. Een 2 kan hij om dezelfde reden ook niet hebben. Elke hand pakken we volgens dit schema aan.
Het is nu ons doel om de tegenstander een handrange te geven. De 3 en 2 hebben we al uitgesloten. Aan de hand van geloofwaardige inschattingen moeten we nu echter zijn mogelijke handen definiëren.
Hij zal de flop bijna nooit blufraisen, omdat we zijn sterke UTG-openraise hebben ge-3-bet, vaak een pocketpair hebben en ook met A-hoog op dit board vaak naar de showdown gaan. Hij heeft weinig foldequity en een bluf loont daarom niet. We kunnen zo dus alle handen die ongepaard zijn uitsluiten.
De tegenstander zou een pocketpair JJ+ hebben gecapt. Hij heeft onze 3-bet echter slechts gecalld. Hij heeft dus maximaal een pocketpair tot TT. Daardoor kom je tot de conclusie dat onze outs op J en A vaak nog clean zijn.
De conclusie uit deze inschattingen is nu, dat hij met een behoorlijk grote kans een pocketpair als 44, 55, 66, 77, 88, 99 of TT moet hebben.
De equity hoeven we in deze situatie niet te bepalen, daar we onverbeterd niet naar de showdown kunnen gaan, omdat de tegenstander alleen betere handen heeft. De vraag in deze hand is, of we op de turn, volgens het concept van odds & outs, nog de river kunnen zien.
Flop: (7.00 SB) 3


Hero bets, MP2 raises, Hero calls.
Turn: (5.50 BB) 8
Hero checks, MP2 Bets, Hero?
We hebben de flopraise van de tegenstander dus slechts gecalld. De pot is op de turn 6.5 BB, na de nieuwe bet van MP2. Daar we zes outs hebben tegen alle pocketpairs, kunnen we minstens 1BB meerekenen als implied odds (waarschijnlijk zelfs nog iets meer, in het geval van een check/raise/call).
We krijgen dus 6.5 + 1 = 1:7.5 op een call. Bij zes outs hebben we slechts 1:7 nodig. We kunnen de turn dus callen, op een A kunnen we beter donken en op een J check/raisen.
De tegenstander zou met 88 weliswaar een set kunnen hebben gemaakt, en we hebben in het geval van een improve minstens -1BB reverse implied odds, maar de kans daarop is slechts zo'n 3/39 = 1:13 en is dus heel klein. De 3 betreft de drie setmogelijkheden en de 39 betreft de combinaties van 44, 55, 66, 77, 99 en TT. Wanneer we op de river nog onverbeterd zijn, folden we natuurlijk.
Laten we nu een variabele veranderen. We spelen bijvoorbeeld niet tegen een redelijke TAG, maar tegen een LAG (34/23/2.8/40). Het plaatje verandert dan natuurlijk ook.
Andere tegenstander => andere inschattingen => andere handrange => veranderde equity => andere beslissing
Flop: (7.00 SB) 3


Hero bets, MP2 raises, Hero calls.
Turn: (5.50 BB) 8
Hero checks, MP2 Bets, Hero?
We staan nu voor dezelfde situatie. We moeten nu een handrange voor de LAG vaststellen en kijken of we misschien zelfs naar de showdown kunnen gaan.
We hebben hierboven aangenomen dat een redelijke TAG hier nooit zal bluffen. Dit is bij een LAG natuurlijk anders. Hij zou hier vanwege zijn agressievere spel veel eerder kunnen bluffen en kunnen proberen om met QTs de pot te stealen, daar hij niet logisch denkt en verwacht dat we ook niets hebben en op de turn of river zullen folden. Het breekpunt ligt nu echter bij de vaststelling, hoe vaak hij een bluf moet 3-barrelen opdat we de showdown kunnen zien.
Bij 23% PFR heeft hij 23*0.75 (UTG-vermenigvuldiging) is: vanaf de UTG ca. 17% PFR
99-33,AJs-A6s,K9s+,Q9s+,JTs,AJo-ATo,KTo+,QTo+ <- 173 combinaties
Zo zou zijn 'raise/call'-prefloprange er uit kunnen zien.
We nemen nu eerst gewoon de range waarop we achterliggen en tellen daar dan zoveel pure blufs bij op, dat we volgens equity kunnen downcallen. In eerste instantie leggen we vast hoeveel equity we vanaf de turn nodig hebben:
EV(calldown) > 0 wanneer EQ > verlies/(winst + verlies)
Verlies = investering tot aan de showdown 2BB
Winst = pot op de turn
EV(calldown) > 0 wanneer EQ > 2/6.5 + 1BB + 2 = 21%
We hebben in het worst-case-scenario dus 21% equity nodig om te kunnen downcallen.
Nu voegen we een 'paar' handen toe, waarmee hij eventueel zou bluffen, omdat hij gelooft dat we een betere highcard, zoals bijvoorbeeld K-hoog, zullen folden.
Board: 3c 3d 2h 8d Ks
Dead:
equity win tie pots won pots tied
Hand 0: 77.500% 77.50% 00.00% 31 0.00 { 99-33, QcTd, QcTh, QcTs, QdTc,
QdTh, QdTs, QhTc, QhTd, QhTs }
Hand 1: 22.500% 22.50% 00.00% 9 0.00 { AsJs }
We hebben slechts 75% van zijn QTo-handen toegevoegd. Wanneer hij alleen deze hand in 3 van de 4 gevallen doorbluft op alle streets, kunnen we de showdown zien. Twaalf combinaties van QTo is ook slechts ca. 7% van 173 combinaties. De kans op een bluf hoeft dus maar heel klein te zijn om op de river onverbeterd nog eens te kunnen callen.
Conclusie : Kleine veranderingen in de inschattingen in het gehele plaatje kunnen grote uitwerkingen op onze beslissing hebben. We hebben slechts 3/4 van een hand toegevoegd en hebben meteen zoveel equity, dat we de river moet callen in plaats van folden. Zoals we hier zien is een heel belangrijk deel van handreading dan ook, dat we leren om waarschijnlijkheden werkelijk goed in te schatten!
Wat zijn eigenlijk reads, en hoe kan ik inschattingen maken door reads? Reads zijn niet meer dan eigenschappen, en de som van de eigenschappen van een tegenstander kun je samenvoegen in een tegenstanderprofiel.
| HOE MAAK IK EEN PROFIEL VAN DE TEGENSTANDER? |
Om een tegenstanderprofiel te maken, gebruiken we ons categorisch denken. We categoriseren de tegenstander ruwweg en maken in iedere categorie subcategorieën. In het schema hieronder stellen we in iedere categorie vragen, die van belang zijn om werkelijk een read op te bouwen en om de verdere aanpak te bepalen.
Categorieën
- Preflop-play
- Flop-play
- Turnplay
- Riverplay
Subcategorie preflop-play
- Wijkt zijn spel in bepaalde situaties af van zijn stats?
- Maakt hij caps for deception?
- Callt hij IP 3-bets for deception met handen zoals bijvoorbeeld AA?
Subcategorie flop-play
- Maakt hij loose flopcalls?
- Raiset hij vaak als pure bluf op de flop?
- Maakt hij blufcalls?
- Speelt hij IP eerder passief voor bluffinduce, of eerder agressief?
- Welke soorten made hands raiset hij op de flop?
Subcategorie turnplay
- Zou je unimproved nog eens betten?
- Raiset hij als pure bluf op de turn?
- Hoe reageer ik op een raise?
- Raiset hij op de turn (vaak) for free showdown?
- Raiset hij op de turn slechts sterke made hands, of ook zwakke?
- Semi-bluft hij veel op de turn of speelt hij zijn draws eerder passief?
- Kan hij op de turn een betere hand folden op een verdere bet?
Subcategorie river
- Vertraagt de tegenstander sterke handen tot aan de river?
- Is hij in staat op de river te blufraisen?
- Hoe loose of tight callt hij op de river (Kan ik valuebetten, callt of foldt hij aas-hoog)
- Bluft de tegenstander wanneer ik naar hem toe check => Moeilijke check/fold maken?
- Foldt de tegenstander zijn A-hoog vaak pas op de river => Hoe effectief is een derde blufbet?
Je kunt natuurlijk ieder stukje informatie en iedere vraag nog verder uitdiepen, maar vaak staat ons maar weinig informatie over de tegenstander ter beschikking en kunnen we niet veel vragen oplossen, en al helemaal niet alle informatie gemakkelijk opslaan en weer in no-time oproepen.
| WELKE BETEKENIS HEBBEN DEZE AANNAMES IN EEN CONCRETE HAND? |
Voorbeeld 1
5.00/10.00 Fixed-Limit Hold'em (6 handed)
Preflop: Hero is SB with 9
4 folds, Hero raises, BB calls.
Flop: (4.00 SB) K


Hero bets, BB calls.
Turn: (3.00 BB) 7
Hero bets.
Final Pot: 4.00 BB
De tegenstander is een LAG (37/25/2.6/43). De volgende informatie hebben we als notitie vastgelegd:
- Raiset kleine pairs direct op de flop
- Float op de flop
- Hoge 'fold to turnbet'-waarde
- 'Call flop, raise turn' = top-pair
- Blufraiset graag unconnected en dry flops
We hebben 98s met initiatief en betten de flop. Nu komen de inschattingen in het spel. We moeten teruggrijpen naar onze notitie en vinden hier de informatie dat de tegenstander loose callt op de flop.
Het loose callen op de flop en de hoge 'fold to turnbet'-waarde zijn hier natuurlijk in samenhang. We kunnen nu dus aannemen dat de tegenstander een dergelijke flop met slechts een highcard, ook callt met handen als T-Q-hoog.
Daar hij minder vaak top-pair heeft dan een van deze onverbeterde T-Q-high-combinaties, moeten we de turn opnieuw betten en op een raise folden. De read zegt tenslotte dat hij kleine pairs op de flop raiset. Zijn range beperkt zich dus sterk tot een top-pair. We zijn dus heel vaak drawing dead en moeten folden.
Voorbeeld 2
5.00/10.00 Fixed-Limit Hold'em (6 handed)
Preflop: Hero is SB with A
2 folds, CO calls, BU folds, Hero raises, BB calls, CO calls.
Flop: (6.00 SB) 9


Hero bets, BB calls, CO calls.
Final Pot: 4.50 BB
We hebben in de SB met A

We grijpen weer terug op onze notitie en zien dat hij vanwege zijn agressieve flop-play, normaal elk pair zou hebben geraiset. We kunnen er dus van uitgaan dat hij hier onverbeterd is en slechts op zijn outs callt. Dit leidt weer tot de inschatting dat we met A-hoog/good kicker vaak nog voor liggen, omdat hij tenslotte met any pair de flop zou hebben geraiset en een betere aas, zoals AT+, preflop zou hebben ge-3-bet.
| HOE MAAK IK CORRECTE AANNAMES, ZONDER EEN READ OP DE TEGENSTANDER? |
Zonder read op de tegenstander kun je geen concrete inschattingen maken. Hij zou van elk tegenstandertype kunnen zijn, tussen een callingstation en een maniac on tilt. Zonder een goede read kun je dus slechts uitgaan van tendensen.
Je mag echter niet de fout maken om de tegenstander en zijn gedrag te subjectief te beoordelen volgens zijn exacte speeltheoretische maatstaven. In voorbeeld 2 kun je dus niet exact vaststellen of hij de flop heeft getroffen. Je kunt hoogstens zeggen dat het onwaarschijnlijk is dat hij de flop heeft getroffen, daar het logischer zou zijn om de flop te raisen, en kleine kaarten, zoals 2, 5 en 9, met minder bijkaarten gespeeld 'kunnen' worden, dan bij een aas het geval is.
Je moet jezelf altijd vragen hoe je in deze situaties zelf zou hebben gehandeld, maar inschattingen zijn dan slechts tendensen en niet 'absoluut'. Je kunt echter eigenlijk na één hand al zeggen of de tegenstander mogelijk een goede, of eerder een slechte speler is.
Een indicatie daarvoor is bijvoorbeeld een line die buiten de logische speelwijze valt, bijvoorbeeld 'check/call, check/call, check/raise' of 'check/call, check/raise' in een multiwaypot. Je moet tegen Unknown proberen om geen grote moves te starten, maar gewoon straightforward te spelen. Verder moet je jezelf niet in marginale situaties begeven, geen moeilijke laydowns maken en eerder showdowngebonden spelen.
Maar wanneer bij het tweede voorbeeld, op bijvoorbeeld een 2, wat in principe een blank is, de tegenstander achter ons na een verdere bet op de turn raiset, dan betekent dit niet dat hij hier altijd bluft, alleen maar omdat hij tenslotte een pair volgens ons op de flop zou hebben moeten raisen.
| » SAMENVATTING |
|
Het is vaak heel moeilijk tot onmogelijk om een echt speelplan voor een concrete hand te ontwikkelen, zonder de gedragseigenschappen van de tegenstander te kunnen indelen. De reusachtige dynamiek en complexiteit van poker maken handreading slechts beperkt mogelijk en je kunt dan ook nooit perfect of 100% goed spelen. Het enige doel kan dus zijn om minder fouten te maken dan de tegenstander. |