Bijgewerkt op 06 jul 26 door

Objectiviteit II

» EXTRA MATERIAAL

Inleiding

Vorige week hebben we ons al bezig gehouden met twee, door pokerspelers vaak geuitte uitspraken. Deze week heb ik er nog twee uitgezocht. Ik hoop dat er ook ditmaal voor jullie weer iets bij zit.
Opnieuw steken achter beide uitspraken markante denkfouten, die op foutieve objectiviteit zijn gebaseerd. Ik zal, net als de vorige keer, proberen om jullie een andere zienswijze te geven op deze dingen. Laten we meteen beginnen:

'Ik verdien met bonusjagen $2000 per maand. Iedereen die dat niet doet, is dom!'

Op het eerste gezicht lijkt dat misschien werkelijk zo. En zoals zo vaak treuzelen velen om een stap terug te maken en het geheel te bekijken. Speler A verdient zijn geld door bonusjagen. Dit betekent dat hij van pokersite naar pokersite wisselt en bonussen bij elkaar bedelt. Weliswaar heeft hij daardoor voortdurend wisselende tegenstanders en door de, vaak matige software, geen winstgevend spel, maar dat compenseert hij gemakkelijk weer met zijn bonuswinsten. Hij verdient meer dan speler B, die afziet van bonusjagen.

Nu gaan we echter een stap terug. Wanneer we de totaalsituatie bekijken, zien we het volgende. We moeten realistisch zijn en er van uitgaan dat poker vroeger of later niet meer hetzelfde zal zijn als vandaag. Laten we aannemen dat over tien jaar (puur fictief getal) het pokeren zijn laatste adem uitblaast. Speler A heeft in deze tijd $24.000 per jaar verdiend en daarmee $240.000 in tien jaar. Klinkt toch niet slecht? Het is het echter wél!
Speler B heeft afgezien van afleidingen, zoals het voortdurend wisselen van sites, uitcashen en de daarmee vaak verbonden problemen: Hij concentreerde zich op zijn ontwikkeling en daarmee zijn spel. Terwijl hij het eerste jaar geen noemenswaardige winsten maakte, bereikte hij nu $5/$10 en had ineens een gemiddeld maandloon van ongeveer $5000. Dit was echter, op grond van de juiste instelling van speler B, nog niet het einde van zijn loopbaan. Hij leerde verder en speelde tenslotte op de limiet 30/60. Laten we zeggen, voor de berekening, dat dit nog een jaar duurde. Daar verdient speler B op 1000 handen ongeveer $1000. We hebben dus nu een gemiddelde dagloon van $1000. Speler B verdient dus in het eerste jaar bijna niets, in het tweede $5000 (wat natuurlijk normaal gezien met iedere limiet omhoog gaat, ik kies hier een eenvoudigere manier) en vanaf het derde jaar $20.000 per maand. En dat zeven verdere jaren lang. In het grote geheel zien we dus welke manier het meeste succes belooft.

'Waarom kom ik niet verder dan slechts $0,50/$1?'

In deze uitspraak zijn twee denkfouten verstopt. Ten eerste 'slechts': Maar weinigen redden het inderdaad tot op $0.50/$1. Wees trots op de weg die je achter je hebt en wees je toch bewust dat je nog een lange weg te gaan hebt! Ik denk dat beide mogelijk zijn en je ook moet streven naar dit soort objectiviteit.
Ten tweede: Het 'waarom': Ik denk dat het een ieder in feite duidelijk is, waarom hij het niet redt: hij leert niet genoeg, hij heeft niet de psychologische capaciteiten, of niet genoeg wiskundig inzicht. Aan elk punt kun je werken. Je moet in dergelijke situaties (zoals ze door deze uitspraak worden beschreven) geen zondebok zoeken of jezelf naar beneden halen.

Je moet de weg uit de situatie zoeken en wie gedacht heeft dat poker gemakkelijk geld zou zijn, die moet ik helaas teleurstellen. Weliswaar is het beduidend gemakkelijker dan in andere jobs, maar voor een schappelijk inkomen moet je ook hier wat werk verrichten.

Zeg steeds weer tegen jezelf: 'Ik kan het, ik wil het en ik zal het doen!'. Het zijn in principe de drie elementaire punten van iedere opgave. De mogelijkheid om een probleem op te lossen, de strikte wil om het zelf te doen en ten slotte ook de benodigde stappen te doen.

Wanneer jullie bereid zijn om hard te werken en aan de hierboven genoemde stappen te voldoen, dan staan voor jullie -niet alleen bij poker- alle deuren open.