Liefde voor mezelf ontaard al heel snel in egotripperij enof narcisme.
Vanuit een zekere liefde voor mezelf heb ik eindelijk de tabak etc. achter me gelaten, dat is al liefde voor mezelf genoeg.
Vanuit dezelfde liefde tracht ik nu mijn lijf weer min of meer fit te krijgen.
Vanuit diezelfde liefde heb ik een verhaal over het leven op aarde geschreven dat nog niet af is, het volgende hoofdstuk komt eind dit jaar. Op dit moment wordt het gecorrigeerd op taalfouten enz.
Ik ben me helder bewust van de aanwezigheid van mijn ziel alsook van mijn beschermengel. Zij beiden zijn er niet om voor plezier in mijn leven te zorgen.
Zij zijn er om mij mijn werk te laten doen en zij helpen me daarbij.
Vanuit mijn inzicht en kennis zal ik niet terug komen op mijn uitspraken.
Wat ik eerder en hier schrijf, meen ik uit de grond van mijn hart.
Ik heb een taak in dit leven te vervullen, een taak die mijn (stokoude) ziel zichzelf ten doel heeft gesteld.
En nee, veel te lachen valt er niet. Ik ben een zeer serieus mens, altijd geweest. Ik ben zelfs niet met lachen opgevoed, bij ons thuis werd er niet gelachen.
Ik heb het er maar mee te doen. Het leven als een monnik bevalt me goed. Ik heb slechts weinig nodig en verlang naar nog minder.
Ik doe mijn werk. dat is goed genoeg en geeft me een zekere bevrediging.
Ik sta voor anderen klaar wanneer mijn hulp gewenst is en ik geef die hulp vrijelijk zonder er iets voor terug te verlangen.
Ook dat is mij goed genoeg.
Geluk met pokeren heb ik weinig, zeker dit jaar.
Van de vele preflop all-in situaties waarin ik 2/3 of meer voorlig, heb ik dit jaar nog geen 50% gewonnen.
Daar baal ik flink van maar ook dat heb ik maar te accepteren.
Het maakt wel dat ik nog slechts weinig poker en het plezier in pokeren steeds verder verdwijnt. Het zou me niets verbazen dat pokeren vanaf 2014 tot het verleden behoort. Ik heb een hekel aan verliezen, zeker als ik wiskundig kan uitrekenen dat het te wijten is aan behoorlijk veel pech.
Dan gaat de lol er bij mij wel af, bovendien vind ik er geen uitdaging meer in op deze manier.
Positiviteit is er dus in de manier waarop ik tegenwoordig met mijn lichaam om ga en het schrijfwerk dat ik aan mijn manuscript verricht. Positiviteit is er ook omdat ik weinig verlang, dat geeft mij een bevrijdend gevoel.
Veel meer weet ik er niet over te zeggen.
Leven met een bi-polaire stoornis is allerminst leuk of lollig, dat is dé grote handicap in mijn leven en ook dat heb ik inmiddels leren accepteren.
Wat dan weer wel positief is, is mijn huis en tuin en de wijze waarop ik het heb ingericht. Ik heb mezelf omringd met grote, gezonde planten en een goed ingericht aquarium. Er is in die volop gezond leven om mij heen en dat doet mij goed.
Ik voel me veel beter op mijn gemak met planten en vissen om me heen dan dat ik dat met mensen om me heen zou hebben.
Mensen zijn veeleisend en denken alenig aan zichzelf.
Planten en vissen zijn minstens zo veeleisend maar geven er veel goeds en vreugde voor terug.
Al met al ben ik uiteindelijk niet slecht af.